Categorie archief: Amusement

LOL @ Google Translate

Dikke ROFLMAO deze ochtend. Ik kreeg een berichtje van een Engelse vriend die had geprobeerd mijn blog te lezen via Google Translate. Mijn laatste post over onbevangenheid en Micah raakte hem zeer, maar hij dacht de ware essentie niet helemaal te kunnen doorgronden vanwege de gebrekkige vertaling.

Benieuwd naar wat een vertaling van mijn zinsgedrochten zou kunnen opleveren, deed ik de test mijzelf. Op zich viel het nog best mee; sommige zinnen komen er heel aardig uit. En dat sommige stukken resulteren in pure onzin kan ik ook nog wel begrijpen als je woorden gebruikt als weggeteerd (“Deteled Teerds”) en gierende gedachten (“My thoughts on all things vultures”). Maar dit volgende stukje moet toch wel laughing, vultures, roaring zijn geweest voor mijn Engelse vriend. Het origineel:

“Natuurlijk, Micah heeft makkelijk brabbelen. Die hoeft geen visa te regelen, of met stompzinnige idioten te onderhandelen, of werk binnen te slepen voor de baas.”

En dit werd:

“Of course, Micah has easy babble. He does not arrange visas or with mindless idiots to negotiate, or work in drag for the boss.”

Ik zal dat even terugvertalen voor de mensen die wat minder bekend zijn met de kleurrijke kanten van de Engelse taal:

” Natuurlijk, Micah heeft makkelijk babbelen. Hij regelt geen visa of met stompzinnige idioten te onderhandelen, of werkt in vrouwenkleren voor de baas.”

Misschien snappen mensen nu waarom ik het hier niet zo naar mijn zin heb …

Hof Jr gets a present

“Oh Micah, look who sent you a present! It’s from that nice auntie Bhuvanesh! Wow, a beach guard vest! That is really, really cool, don’t you think?

“Well, mummy and daddy are glad you like it. Now, before you go off cruising at the playground, what do you say to auntie Bhuvanesh?”

“Oh Micah, that same auntie Bhuvanesh has also complained that this blog is always in Dutch and that she wants us to cater for her language as well. Can you do that for her please?”

“No no little darling. That is mummy’s language, auntie Bhuv cannot understand that. Come on, you know what to say …”

“Arghhhh! Honey, did you hear that? We have to get out of here as soon as possible! I don’t want my son to speak that way! Well, Micah, one more try: what do you say to Bhuvanesh?”

” Oh my God! You have been hanging out with those Phillipino maids too often! Auntie Bhuvanesh is not from the Phillipines Micah. She is from Singapore, you know that! So what do you say?”

“No no no! Micah how can you say that? You know auntie Bhuvanesh don’t speak that way. Is she yellow? Here, this is what she looks like:”

“MICAH! Mummy and daddy are very disappointed in you! Do you think that all black people speak like they do in Dark Africa? What, are you some kind of racist now?”

“Okay okay sorry little man, we are just trying our best with you. Now, last chance. Auntie Bhuvanesh lives in Australia, so what do you say to her?”

“Excellent! That is our boy! Now go to the slider and practice your life-saving skills on those Dubai habibi!”

Hofs muziekhoekje

Eens, toen de Hof nog in groenere oorden verbleef, zat diezelfde Hof op de bank te buizen  toen mevrouw Hof op haar welbekende elegante wijze de kamer binnenkwam. Wat ze aantrof, beviel haar allerminst.
“Ben je nou naar The Pet Shop Boys aan het kijken?”
“Nou ja niet echt. Maar het Glastonbury Festival wordt uitgezonden en ik wacht tot er een betere artiest komt.”
“Dus ben je nu vrijwillig een half uur Pet Shop Boys aan het verduren?”
“Ja ach, hoe erg kan het zijn, dacht ik?”
“Wist je dat ze meerdere artiesten tegelijk uitzenden? Met het rode knopje op de afstandsbediening kan je kiezen welke je wilt zien. Wat ben je toch ook technisch, lieve schat!”
… “Ja, dat wist ik wel, van dat rode knopje!”
“Schat, OF je wist dat inderdaad van dat rode knopje en dan moet je toegeven dat je geheel vrijwillig naar The Pet Shop Boys aan het kijken was, OF je geeft toe dat je niet anders kon omdat dat hele rode knopje je onbekend was. Het is het een of het ander, dus wat is het nou?”
“Hmrpffff rode knopje Pet Shop …”
“DUS WAT IS HET NOU?”
“… Ik … ik wist dat niet van dat rode knopje …”
“WAT ZEI JE?”
“Ik wist dat niet van dat rode knopje.”
“IK WIST DAT NIET VAN DAT RODE KNOPJE, WAT?”
“Ik wist dat niet van dat rode knopje, mijn lieve schat.”
“OK dan. En dan ga je nu als de wiedeweerga dat rode knopje indrukken want ik kan dat gezever van die dierenwinkelidioten niet meer aanhoren!”
“Ja mijn licht in mijn ogen, beschouw het als al gebeurd.”
En zo werd die avond met de rode knop The National Hofs leven binnengedrukt.

We hadden allebei nog nooit van The National gehoord en waren niet direct onder de indruk, maar we bleven hangen omdat het anders was. Geen geeikte rock met een krijsende voorman ondersteund door een obligate ritmesessie en wat platgetreden gitaarbanen, maar een mysterieuze crooner die losjes zijn teksten de microfoon in zingzegde, terwijl de rest van de band schijnbaar zijn eigen ding deed door een breekbaar arrangement van piano, gitaar en strijkers ten gehore te brengen. Best mooi allemaal maar het pakte ons nog niet echt, vooral vanwege het op het eerste gehoor zo stoicijnse geluid van de band.  Tot het laatste nummer kwam, en toen gebeurde er dit:

Holy fuck! De volgende dag stond ik in de muziekwinkel en kocht de CD “Alligator” waar dit pareltje op staat. Bij de kassa aangekomen keek de verkoper me indringend aan en zei: “Dit gaat je ZO-VEEL plezier opleveren. Koop ook hun album Boxer, zo mogelijk nog beter.” En dat deed ik dus maar. Beide schijfjes zijn mijn CD speler nauwelijks meer uit gekomen. Wat een pracht, wat een vervoering! Een vergelijking met The Thindersticks en Pavement dringt zich op, maar The National is veelzijdiger. Elk nummer heeft zijn eigen charme. Soms betreft het een door de ziel snijdend pianoloopje, soms een hartverscheurende melodie, maar meestal is het het arrangement wat het hem doet. Er zijn veel noten te horen, maar geen een te veel. Bij veel nummers duurt het even voor de schoonheid zich volledig openbaart: op het eerste gehoor kabbelt The National een beetje voort. Een goede koptelefoon en een uurtje voor jezelf is het devies; je wordt er rijkelijk voor beloond.

De synergie tussen instrumentatie en tekst is subliem te noemen, zoals bij alle boven de standaard verheven muziek. De teksten zijn soms bijtend, soms romantisch, soms gevat maar altijd urgent. Het is geen hogere school poezie en dat is maar goed ook; de kracht zit hem in de simpelheid waarmee doeltreffend  een gevoel wordt geschetst. Zie bijvoorbeeld de openingsregels van “Baby we’ll be fine“, over de bij de strot grijpende gewaarwording bij een dertig-plusser dat de ambitieuze dromen van zijn studententijd langzaam zijn vervaagd:

All night I lay on my pillow and pray
For my boss to stop me in the hallway
Lay my head on his shoulder and say:
Son I’ve been hearing good things.

Zo simpel, zo raak.  Ook heel mooi, van het nummer “Green Gloves“, over verloren vrienden (ja voor vrolijkheid moet je bij andere bands zijn, maar verdorie wie boeit dat: klik op die link en laat je vervoeren).

Falling out of touch with all my
friends are somewhere getting wasted,
hope they’re staying glued together,
I have arms for them.

Now I hardly know them
but I’ll take my time
I’ll carry them over, and I’ll make them mine.

Maar zoals gezegd, de teksten komen het best tot hun recht in combinatie met de muziek. Wat dat betreft is het volgende een uitmuntend voorbeeld. “Slow Show” begint een beetje tam, maar luister wat er gebeurt op 2 minuten en 21 seconden. Die hele simpele tekst, zo mooi en gedragen gezongen op dat breekbare, gejaagde pianomelodietje. Ach man je kan me wegdragen, romantiek ten top:

The National is niet bepaald bekend bij het grote publiek, laat staan hier in de woestijn, dus ik had me er al bij neergelegd dat ik de andere drie albums later moest gaan aanschaffen. Maar kijk nou: plots blijkt de band een soort van doorbraakje te maken en ligt hun laatste album “High Violet” zelfs hier in de schappen! Nou mooi, weer een meesterwerkje erbij. Voor Kesaya en mij is het nummer “England” om begrijpelijke redenen dierbaar:

You must be somewhere in London
You must be loving your life in the rain

En zo is het maar net. De live uitvoering van dat nummer, tenslotte, laat zien hoe uitgebalanceerd die arrangementen precies kunnen zijn. Zeg nou zelf, dit zie je toch heel weinig bands doen tegenwoordig? (Laat iemand me alsjeblieft tegenspreken: ik wil meer van dit!)

LALALALALA

Na al dat gezeik en gezeur van de afgelopen maanden, vragen jullie je nu misschien af of ik alles nog wel in het juiste perspectief zie. Tenslotte heeft iemand met mijn levensstijl in principe meer reden tot dankbaar zijn dan tot klagen. Nou, geen zorgen hoor, ik ben me bewust van mijn bevoorrechte positie. Een mooie, lieve, wulpse vrouw, briljant nageschlacht, een avontuurlijke baan met een aangenaam inkomen, noem het maar op. En Samui als toevluchtsoord heeft natuurlijk ook zijn charmes.

Maar hallo! Daar heb ik allemaal wel heel hard voor moeten werken he! Vergeten we dat even niet? Al die energie die ik erin gestoken heb. Zo was de verovering van bovengenoemde trofee-vrouw bepaald geen sinecure. Om over de verwekking van dat nageslacht nog maar te zwijgen! Man, slapeloze nachten heb ik daarvoro moeten doorstaan. En dan nog die vrouw en zuigeling de hele wereld over slepen, hopend op een warm plekje onder de zon waar ze voor de verandering wel eens een keer legaal kunnen verblijven … ik geef het het je te doen! Eigenlijk doe ik het helemaal zo slecht nog niet. Ik heb alleen maar heel veel pech. Zo, ik heb gezegd!

But all craziness on a little stick: natuurlijk heb ik mijn situatie er bepaald niet makkelijker op gemaakt de laatste jaren. Een gezin bijeengesprokkeld van 4 personen met 4 verschillende nationaliteiten en paspoorten, en daar bovenop een functie waarvoor ik elk jaar moet verkassen: het hoeft geen verbazing te wekken dat de gemiddelde immigratieambtenaar die mijn verhaal aanhoort in eerste instantie reageert door direct de hoorn erop te gooien. Te veel moeite allemaal voor die beperkte hersentjes.

Dus ja, ik kan het me voorstellen dat er dingen mis gaan. Vooruit, ik geef ruiterlijk toe, dat ligt ook een beetje aan mij. Ik had mijn baantje in Nederland kunnen aanhouden, een struise Friese meid kunnen trouwen en dan tot mijn pensioen met 1 zoontje en 1 dochtertje in een doorzonwoning in het Wateringse Veld gaan wonen. Alemaal heel makkelijk geweest, en misschien wel net zo leuk. Maar zo is het dus niet gegaan. Dus ja. Echter, is het teveel gevraagd dat ik verlang dat dan in elk  geval de simpele, normale dingen WEL goed worden afgehandeld? Vooral die dingen waar je als eenvoudig burger geen invloed op kan uitoefenen? Jullie raden het al: er zit weer een klassiek Hoffiaans klaagverhaal aan te komen. Dit keer gaat het over Hofs Huisraad, en het gebrek daaraan.

Toen we uit London vertrokken, moest onze huisraad worden verscheept naar Dubai. Mijn werkgever had een verhuisbedrijf geselecteerd op basis van de prijs, mijn collega Jon en ik moesten verder zelf met dit bedrijf de verscheping regelen. En aldus geschiedde.
Op de 12e Juli kwamen de verhuizers onze spulletjes inpakken. Een grappige anecdote: er was gevraagd of we de spullen die mee moesten konden markeren, zodat er geen meubels zouden worden meegenomen die moesten blijven. Ik had een mooi systeem bedacht: rode stickers op de dingen die blijven, groene op de dingen die moeten worden ingepakt. Leek me een redelijk feilloos systeem, en in mijn ongekende hang naar perfectie heb ik zelfs elk bord, glas en rondkruipende baby nog van een sticker voorzien. De verhuizers kwamen, vroegen wat er mee moest, ik legde het systeem uit … ze snapten het niet. Bij vrijwel elk voorwerp dat ze tegenkwamen:
-“Sir, does this go or stay?”
-“Does it have a sticker?”
-“Yes.”
-“What is the colour?”
-“Red.”
-“So does it stay or go?”
-“I dont know. You tell me.”
En dan 1 minuut later bij het volgende voorwerp weer. Onbegonnen werk verder, maar goed, ik had toch niks te doen dus dan maar erbij blijven, het waren verder aardige gasten en uiteindelijk is alles zonder problemen of vertraging ingepakt. Dus daar zat de ellende uiteindelijk niet in. Zoals ik al zei, dit was slechts een anecdote.

Afijn, wij naar Dubai toe, alwaar we verbleven in wat tijdelijke gemeubilleerde apartementen totdat we ons fijne onderkomen op de Palm betrokken. Dat was ongeveer een weekje voor de geplande aankomst van onze spullen, dus mooi geregeld allemaal. Zo vond ik zelf althans. Mijn collega Jon had beduidend meer problemen: zijn spullen waren veel te vroeg waren aangekomen, terwijl hij nog geen huis had en ze niet in ontvangst kon nemen omdat ie op zakenreis was. Dat werd allemaal nog wel opgelost uiteindelijk; op het laatste moment huurde hij een veel te duur en groot huis en regelde dat iemand voor hem de spullen kon aannemen. Maar ik dwaal af, wij zaten daar dus in ons lege huisje en wachtten vol verlangen op onze teerbeminde spulletjes.

Die dus niet kwamen. Ik belde het verhuisbedrijf, waar bleef het nou? Het stat nog op de kade in Engeland. Wat? Het is nog niet eens vertrokken? Nee. Ze hadden geen schip kunnen vinden naar Dubai met voledoende plaats, en het zat er voorlopig ook niet in. Oh, was dat een probleem? Oh, babyspullen en dat soort dingen? Tsja. Nou ja, we doen ons best, maar als er geen schepen gaan dan doe je weinig. En als er al een gaat, dan duurt het nog een maand voor alles in Dubai is. Dus dat wordt nieuwe meubels kopen.
Dat hebben we toen maar gedaan dus. Je kan een baby moeilijk in een aanrecht laten slapen tenslotte. Zeker niet zo’n betoverende als de onze.

Dus wij wachten verder, na enkele weken had ik een gekke bui dus ik dacht kom, ik bel ze weer eens op. Nee helaas, ze snapten ook niet wat er mis was, maar om de een of andere rare toevalligheid was er nog steeds geen geschikt schip onze kant op gegaan. Wilde ik het soms per vliegtuig doen? Slechts 3000 pond. Nee, dat wilde ik dus niet. Ik wilde wel weten, waarom de spullen van mijn collega nog dezelfde dag zijn verscheept en de mijne nu al 6 weken op een kade staan weg te rotten. De reden: ik had veel minder spullen, en daarom was het lastiger om een plekje te vinden. MAAR NATUUUUUUUURLIJK! Als ik een hele container had genomen en die halfvol had laten verschepen, dan was het makkelijker geweest. Nou mooi allemaal, hadden jullie ook eerder kunnen zeggen. Ja, maar dat zagen we ook niet aankomen. Je hebt gewoon pech gehad, een dag voor jouw spullen werden opgehaald, was er nog een geschikt schip richting Dubai gegaan. En nog eentje een paar dagen daarvoor. En nog eentje een week eerder. En nu toevallig twee maanden niet. Dat kan gebeuren.

Zucht. Dus nog meer gewacht, nog meer spullen gekocht. Nieuwe TV, nieuwe keukenspullen, intussen werd het allemaal al wat minder kritisch, we hadden nu alle noodzakelijke dingen toch al dubbel. Ik begon echter wel heel erg mijn CDs en DVDs te missen. Die hadden me heel veel troost kunnen bieden de afgelopen maanden. Om nog maar te zwijgen over mijn computerspelletjes. Maar helaas, het was niet anders en het begon zelfs te wennen.

En toen kwam die vervloekte dag dat Fransje’s visum werd geweigerd. Na enkele dagen chaos en nog veel meer slecht nieuws, zat ik bij ons zwembad te mokken en nam een impulsieve beslissing: we gaan NU terug naar Engeland. Onze spullen staan daar toch nog, ik heb het helemaal gehad, het werk is toch klote en dat grote huis met alles erop en eraan kan me gestolen worden.
Dus ik bel het verhuisbedrijf om ze te bevelen de huisraad in opslag te houden. Oh hallo meneer Hofland, goed dat U belt we hebben juist goed nieuws: het schip met Uw spullen is zojuist vertrokken. Wat, bent U niet blij? Na twee maanden wachten is dat toch zeker prettig om te horen? Sorry, maar wat betekenen die rare Nederlandse gorgelende woorden die U nu opeens uit? Mhhh, zullen we misschien later nog een terugbellen als U wat beter aanspreekbaar bent? Dag meneer Hofland!
De ongelovelijk ironie. Maar goed, we bleken toch niet terug te kunnen, want Kesayas UK visum moest opnieuw worden aangevraagd en dat duurt ook nog een tijdje. Dus modderden we weer verder. In elk geval zouden we 24 September onze spulletjes tegemoet kunnen zien, zo was ons beloofd.

Nou ja, ik hoef het nauwelijks te verklappen he? Die zagen we dus niet. Het zou een weekje later worden. Het schip was er bijna maar nog niet helemaal. Dat werd dus een probleem, want intussen moesten we het land uit. Oh wacht even, ik kan hetzelfde doen als mijn collega Jon: ik laat iemand anders die spullen voor me aannemen in mijn afwezigheid. Ja, maar dat gaat zo maar niet meneer Hofland! Hoezo? Zelfde bedrijf, zelfde land, zelfde contract? Waarom hullie wel en ons niet? Omdat we bij U toevallig een andere immigratieagent hebben genomen, een Arabische ipv een Westerse zoals bij Uw collega Jon, zomaar voor de lol, gewoon om eens te kijken hoe dat uitpakt, verandering van agent doet verschepen blijkbaar,en laat deze agent nou juist uitgerekend eisen dat U alles persoonlijk in ontvangst neemt. Tsja, gewoon pech gehad meneer Hofland, zo kunnen die dingen gaan.

Nou ja, dan weet ik het ook niet meer. Maar we moesten weg, dus had ik gevraagd of ze tenminste nog konden proberen het proces te vertragen, zodat ik op tijd terug kon vliegen. Dat konden ze wel doen. Humor hebben ze gelukig wel: “Yes, in delaying stuff we are good, as you have probably noticed.”
Dus wij naar Thailand yadda yadda yadda, wachtend op de dingen die komen gaan, en niet kwamen, en nu zitten we dus hier, en er moet een beslissing komen. We moeten eigenlijk nog langer blijven vanwege de visa perikelen, maar ik moet terug voor die spullen. Nou, dan nog maar eens het verhuisbedrijf bellen. Kunnen jullie al een precieze datum prikken? Ik moet het nu weten. Dat zouden ze even na zoeken, 5 minuutjes geduld nog meneer Hofland.

Vannacht kreeg ik bericht. Ik hoefde me geen zorgen te maken, want de spullen waren er nog niet. Sterker nog, ze zouden niet aankomen ook. Het schip had een “probleem” opgedaan en was nog steeds, of weer terug, dat wisten ze zelf ook niet helemaal precies, in Engeland. Onze spulletjes? Die staan weer op hun vertrouwde plekje op die godvergeten kade in het perfide Albion. Komt U dat uit, meneer Hofland? Meneer Hofland? MENEER HOFLAND?

Een man van vele gezichten

Hallo lief leespubliek. Op veler verzoek vandaag weer eens wat fotootjes van mij, de kleinste Hof. Ik heb een mooie selectie voor U samengesteld waarin mijn veelzijdige aspecten goed aan bod komen:

LIEF ...

STOER ...

RELAXED ...

... EN ZO GEK ALS EEN DEUR!

Jaja, Mad and Bad, that’s me!. Geloven jullie me niet? Gisteren was ik met papa en mama in de supermarkt, in de groente en fruitafdeling welteverstaan. Zij letten even niet op, en ik zat daar toch in mijn buggy, dus pakte ik een nectarine van het schap en zette mijn tanden erin. Komt er zo’n meneer van de winkel aan om me te vertellen dat dat niet mocht. En toen probeerde ie notabene die vrucht van me af te pakken. Ja hallo! Ik laat me toch zeker de les niet lezen door zo’n Aziatische minkukel met z’n homo-snor? Dus ik begon te schreeuwen: “BLIJF VAN ME AF! IK WEET WAAR JE HUIS WOONT! IK WEET WAAR JE HUIS WOONT!”. En hop, toen piepte ie al heel anders. Ik mocht de nectarine houden, gratis en voor niets. Om het nog even extra in te wrijven heb ik toen dat ding onder zijn neus helemaal opgegeten. Met mijn vijf-en-een-halve tand, dus dat duurde even. Ja, als je iets doet, moet je het goed doen natuurlijk.

Papa zei later dat ie niet zo trots op me was, maar als ik in het vervolg toch zonodig mijn tanden in een product wilde zetten, of dat dan tenminste een TV of een Playstation kon zijn. Ik zal er aan denken paps. Graaaawwllllll!

Superieur

Het wordt nooit meer wat met Engeland. Qua voetbal dan, op andere vlakken mogen ze me verrassen. Twee redenen waarom niet:
1. Een schromelijk gebrek aan zelfreflectie.
2. De niet aflatende druk van de media.
Laat ik dit met een voorbeeld illustreren. Woensdag kwam ik terug van een vergadering in Parijs. Ik reisde met de trein, die vertrok net nadat Engeland en Slovenie hadden afgetrapt voor de allesbepalende wedstrijd in hun groep. Ik las wat Engelse kranten in de vertrek lounge: zonder uitzondering hadden ze het over hoe moeilijk de wedstrijd van deze generatie ging worden, het maak of breek moment voor deze ploeg, de afgang die de volgevreten millionairs mogelijk ging leiden, de schande die een uitschakeling met zich mee zou brengen, kortom: er was weinig goeds te melden over de drie leeuwen.
Dit alles bleek te kunnen veranderen in de korte tijd die het kostte de Kanaaltunnel door te rijden. Weer aan de oppervlakte gekomen, had Engeland de 1-0 gemaakt en ging dientegevolge met de hakken over de sloot door naar de volgende ronde. Wat was het commentaar op de TV, de avondkranten en het internet? Engeland was een ploeg waar de andere landen bang voor waren, met de beste spelers ter wereld en de finale was een formaliteit. Moeten we tegen Duitsland nu? Geen probleem, zo zei een commentator op Sky TV: “We are superior to them!”

En dat was 5 dagen voor de wedstrijd. In de dagen ertussen in vond een bombardement aan propaganda plaats, waarin een beeld werd geschetst dat de hele wereld sidderde voor de kracht van Rooney en de zijnen. Een krant kopte in chocoladeletters: “De Duitsers staan op breken!”. Een andere krant wist te melden, uit ongetwijfeld betrouwbare bron, dat die Mannschaft het in de broek deed voor de Engelse voetbalmachine. Terwijl de Duitsers zelf zoiets hadden van “Ach so, wir sollen die Englesen treffen. Das hat ja slechter gekonnt!”, dachten ze op dit eiland serieus dat ze even over hun grootste Angstgegner gingen walsen. Ik chargeer niet: er was geen tegengeluid te horen. Er werd zelfs een DVD-tje uitgebracht van de 5-1 die Engeland ooit  in een grijs verleden wist te bewerkstelligen tegen de Duitsers in een kwalificatiewedstrijd voor een WK. Tsja. Als je a-la feijneoord DVD-tjes gaat uitbrengen, dan vraag je om moeilijkheden natuurlijk.

En inderdaad. Vandaag zette Kesaya me af bij een cafe in Soho en ging zelf winkelen. Ik keek de wedstrijd tussen een hondertal opgetogen Engelse heren en dames, stuk voor stuk er vol van overtuigd wie dit veredelde oefenpartijtje ging winnen.
Ik zelf besloot een lichte voorkeur voor Engeland te hebben. Goed, ik kan dat team vol over het paard getilde idioten als Rooney en Lampard niet uitstaan, maar ik woon hier nu eenmaal en ik gun die arme Engelsen van alles. Het mocht echter niet zo zijn. Uitgemaakte zaak, zelfs als dat ene doelpunt van Engeland wel had geteld. Het is jammer maar helaas, maar Duitsland staat weer erg goed te ballen.

Ter besluit klim ik nog even op mijn sceptische zeepkistje. In de pauze lieten ze het kop-doelpunt van Upson nog eens zien. Een vrij onhandig doelpunt, als ik zo vrij mag zijn, maar de commentatoren vonden het natuurlijk een Godsmirakel. Getuige de uitspraak, tijdens de slow-motion beelden van een opspringende Upson: “You can see how he makes sure to stay in the air as long as possible to get the ball”.
Maar natuurlijk! De Engelsen kunnen dan misschien niet van de Duitsers winnen, maar de zwaartekracht hebben ze in hun zak! Zo superieur zijn ze dan ook wel weer!

Idioten

Ik ga even mijn demonen van me afschrijven. Al deze ellende, ons toegebracht door de gebruikelijke idioterie van een Britse instantie, is namelijk niet uniek. (Voor wie het nog niet weet, zie mijn post “Hof meets Kafka“). Nog niet eerder had dergelijke stupiditeit zulke nare gevolgen, maar we hebben onze portie achterlijkheid qua regels en bureaucratie in het vermaledijde Engeland wel gehad. Gelukkig konden we er in deze gevallen tenminste nog smakelijk om lachen. Hier de vijf bizarste voorvallen van de Hofs met Engelse idioten.

5. The Bizarro Bank World.
We beginnen met een eenvoudige klassieker, om er even in te komen. Toen ik net in Londen kwam, moest ik een bankrekening openen om mijn salaris op gestort te krijgen. Dat ging sowieso al niet bepaald vlekkeloos, maar het grootste probleem was dat ik een huurcontract moest overleggen om de rekening te kunnen openen. Ik woonde op dat moment in een hotel en was nog op zoek naar een kamer. Toen ik een kamer had gevonden, wilde de huisbaas mij het huurcontract alleen geven als ik een bankafschrift kon laten zien. Wettelijk verplicht, zo zei hij. Bij een andere huisbaas was het van hetzelfde laken een pak. Terug naar de bank dan maar. Nee, sorry, eerst het huurcontract, dan de bankrekening. – Jullie beseffen dat dit leidt tot een vicieuze cirkel? – Ja. – Dus? Wat gaan jullie eraan doen? – Misschien kunt U een hypotheekakte overleggen, dat geldt ook. – Voor een hypotheek heb je ook een bankrekening nodig. – Dat is ook wel weer zo. – Dus, nu? – Niks dus.
Uiteindelijk bleek een goed getimede sarcastische opmerking tegen een bankmedewerker genoeg te zijn om de cirkel te doorbreken. Zo nodig was dat huurcontract toch eigenlijk ook weer niet. Op mijn werk beaamde vrijwel iedere buitenlandse collega dat ze exact hetzelfde hadden meegemaakt.

Bonusverhaaltje: toen Kesaya in Engeland kwam, openden we een rekening voor haar bij dezelfde bank, de HSBC. Tijdens het intakegesprek werd haar verteld welke documenten ze moest overleggen. Een daarvan was … een HSBC bankafschrift. De bankmedewerkster in kwestie begon zelf te lachen. “Hahaha that would be a bit impossible, wouldn’t it?”. De eis werd ter plekke uit de lijst geschrapt.

Vooruit, nog een kleine anecdote over de bank dan. Na onze huwelijksreis in Bali zag ik dat er geld van mijn rekening was geschreven vanuit Jakarta, een paar honderd kilometer verderop. Waarschijnlijk zat daar het hoofdkantoor van de bank waar ik had gepind, maar ik wilde het toch even checken. Nee, werd me verteld, dat van dat hoofdkantoor kon niet kloppen. Er was fysiek geld van mijn rekening gehaald in Jakarta. Maar daar ben ik niet geweest, zei ik, ik was in Bali. Oh, dan was het waarschijnlijk fraude. Wilde ik soms aangifte doen? Nee nee, vond ik, laten we niet overhaasten. Kan je misschien nogmaals checken of het echt niet om het hoofdkantoor gaat? Nou vooruit, hij zou het vragen aan hun “Asia specialist”. Oeeeh, dat klinkt fancy, nu komt het vast wel goed. Twee minuten later kwam de man terug aan de lijn. “Nou ik heb het aan de specialist gevraagd hoor, het is in orde. Hij zegt dat Jakarta een eiland in Bali is.” Stilte van mijn kant. “Meneer, kunt u beamen of dat klopt?”. -“Nou, nee. Wat Uw specialist net zegt is hetzelfde als zeggen dat Dublin een eiland is in Wales.” -“Ha”, lachte de bankman. “En dat is niet waar he? Ik zal het onze specialist vertellen.”
Uiteraard bleek na een stief half uurtje dat de transacties inderdaad in Bali waren gemaakt maar verwerkt vanuit het hoofdkantoor in Jakarta. Weer wat geleerd, zei de bankman, bedankte me hartelijk en ging verder met zijn nobele taak.

4. Telephone Trouble
Natuurlijk mag in een klaagverhaal een telecommunicatiesbedrijf niet ontbreken. Ik was net verhuisd en moest een nieuw telefoon, internet en TV abonnement nemen. Na een zoektocht op internet bleek British Telecom  (BT) volgens het publiek als minste slechte uit de bus te komen. De service desk kreeg weliswaar maar een 5 uit of 10, maar daarmee waren ze nog altijd beter dan Virgin, TalkTalk en een hoop andere corporate ellende.
Aanvankelijk vond ik het nog wel meevallen. Aan de lijn kreeg ik een vriendelijke Engelse dame die me uitgebreid alle mogelijkheden beschreef. Er was wel wat gedoe over het feit of ik wel of niet al een aansluiting in het huis had. Vier verschillende medewerkers gaven me vier verschillende antwoorden, en de kosten varieerden tussen de 0 en 120 pond. Toen niemand me echt kon vertellen of ik die aansluiting nou moest laten aanleggen of niet, ging ik andere bedrijven bellen. Tot mijn aangename verbazing  lag er echter de volgende dag een brief van BT op de mat, waarin ze aanboden de aansluiting, mocht die nodig zijn, gratis te komen aanleggen. Als ik het telecompakket zou aanschaffen, zou er binnen een week een engineer langskomen om dat te regelen.
Hartstikke mooi, dus ik nam het aan. Binnen een week bleek echter niet te kunnen. Het werd twee weken later, ergens op een donderdag. Nou ja, dat moest dan maar. Ik nam de bewuste dag vrij van mijn werk en wachtte af. En wachtte. En wachtte. Niemand kwam opdagen. Vervelend, maar ja, dit soort dingen gebeuren ook in Nederland. Om 5 uur in de middag liep ik naar een telefooncel en belde de service desk om te melden dat er niemand was gekomen. Duizend excuses volgden, het zou niet weer gebeuren. Wel moest ik een nieuwe afspraak maken want de engineer was al naar huis. Goed, volgende week dan maar. Woensdag. Weer een vrije dag kwijt. Kon ik er absoluut op rekenen dat er dit keer iemand zou komen? Tuuuuuuuuurlijk, zo’n fout maken we geen twee keer.

Die volgende week woensdag stond ik met een slecht voorgevoel op. Die engineer ging niet komen. Ik dacht slim te zijn door om 9 uur in de ochtend al de service desk op te bellen om te vragen of alles in orde was. Ze deden een beetje lacherig. Natuurlijk zou er iemand komen, dat was toch immers afgesproken? Ja, maar vorige keer kwam er ook niemand dus ik wilde gewoon even zeker zijn. Inderdaad, daarom keek deze keer de manager van de afdeling er persoonlijk op toe dat de afspraak zou worden nagekomen. Hij had het zelfs persoonlijk in het systeem gezet. Oh, nou dan zal het wel. Sorry voor mijn achterdocht. Geen probleem meneer Hofland en veel plezier met Uw aansluiting straks.
Ik hoef dit natuurlijk niet verder te beschrijven. Er kwam niemand. Om 5 uur belde ik briesend van woede weer op. De eerste vraag van BT na mijn relaas: “Goed, even de details op een rij. Belt U nu van Uw eigen lijn thuis?”
-“NEE NATUURLIJK NIET! IK VERTEL U NET DAT NIEMAND DIE IS KOMEN AANSLUITEN!”
-“Oh ja. Hahahaha. Maar he? Hoe kan dat nou, U belt nu toch op?”
-“Ja vanuit een telefooncel!”
-“Ach ja. Nou het is toch wel vreemd hoor. Hier staat dat U gewoon een aansluiting had moeten krijgen vandaag.”
-“Vraag het anders aan die manager die er persoonlijk zorg voor zou dragen.”
-“Goed idee, even geduld alstublieft.”
Twee minuten later kreeg in de operator grinnikend terug aan de lijn. “Meneer, U zult dit wel heel grappig vinden. De manager had inderdaad die afspraak in het systeem gezet, maar was toen vergeten het daadwerkelijk door te geven aan de engineers. Hahaha sorry hoor.”
-“Gaat U me vertellen dat dat niet automatisch wordt doorgegeven? In een telecom bedrijf?”
-“Nee nee. Wij zijn de afdeling Front Desk die de afspraken maakt, en dan moeten we dat doorgeven aan de Technische afdeling. Die hebben een ander netwerk. Hahaha sorry maar U zult dat wel grappig vinden.”
-“Ik vind dit helemaal niet grappig! Ik wacht nu dus al drie weken en heb nog steeds geen aansluiting. Bovendien heeft het me al twee vrije dagen gekost!”
-“Voor die vrije dagen kunt U een vergoeding krijgen.”
-“Oh, dat is wel goed geregeld dan. Hoe werkt dat?”
-“U krijgt voor elke dag een vergoedingsbon van 20 pond.”
-“20 pond? Daar kan ik net 5 minuten voor werken! Laat maar ook. In elk geval, ik eis dat er NU iemand die aansluiting komt regelen.”
-“Dat kan niet meneer, iedereen gaat naar huis om 4 uur. Maar we verzekeren U dat er zo snel mogelijk een nieuwe afspraak komt. Kunt U volgende week dinsdag?”
-“NEE DAN KAN IK #@$&##@#% NIET! Er komt maar lekker iemand op zaterdag, ik ga geen vrije dagen meer verspillen.”
-“Dat kan echt niet hoor meneer. Op zaterdag geldt als overwerk.”
-“KAN ME GEEN FUCK SCHELEN! ER KOMT IEMAND OP ZATERDAG ANDERS GA IK HELE NARE DINGEN OP INTERNET ZETTEN OVER JULLIE!”
Internet bleek het magische woord. Die zaterdag kwam er inderdaad een engineer aan de deur. Hij kwam binnen, zocht en vond de behulzing van de telefoondraad, draaide in een halve seconde een schakel om en vertrok. Ik vroeg hem nog of dit normaal 120 pond zou kosten. Ja, zei de man. Processkosten he, de mensen op kantoor moeten ook worden betaald. En hij moest helemaal hierheen komen rijden op zijn vrije dag. Ik heb het er maar verder bij gelaten.

3. The Event of the Undead
Deze is bijna metafyisch. Ik zeg er alvast bij dat ik niet zeker weet of ik de kwestie helemaal goed heb gesnapt destijds. Het is namelijk zo bizar dat ik me zelfs van de Engelsen niet voor kan stellen dat ze dit zo hebben opgezet. Alhoewel … wat kan je verwachten van een land dat een wet heeft die verbiedt in een regeringsgebouw te overlijden …

Het gaat om Events and Records. In het Nederlands: gebeurtenissen en vermeldingen. Elke overheid houdt van haar ingezeten bij wat er met ze gebeurt. Ze trouwen namelijk, krijgen kinderen en gaan, hopelijk na die eerdere gebeurtenissen, dood. Dergelijke Events worden dan vermeld in een register, dat zijn de Records. Niets nieuws onder de zon zover.
Toen ik mijn trofeevrouw ging trouwen,verlangde de Nederlandse overheid van mij dat ik kon bewijzen dat ik op dat moment niet in Engeland getrouwd was. Ook heel normaal natuurlijk. In Nederland zou je in zo’n geval een uitreksel krijgen van het gemeentehuis. In Engeland gaat dat anders, zo legde de Nederlandse ambassade in Londen me uit. Ik moest het nationale register bellen en dan een brief vragen waarin staat dat ik vrij ben van de gebeurtenis (Event) huwelijk. Ze waarschuwden me alvast: de procedure om die brief te krijgen is ingewikkeld en tamelijk bizar. Ik zou er goed aan doen om eerst de website van het register te lezen.
Dat deed ik. En ik snapte er werkelijk waar geen enkele barst van. Ik kan niet geloven dat ook maar iemand daar wijs uit zou kunnen worden, zelfs iemand die de Engelse taal volledig machtig is. Gelukkig stond er een telefoonnummer bij. Dus maar even bellen.
-“Hallo, ik wil graag een brief aanvragen met bewijs dat ik niet getrouwd ben. Het is voor de Nederlandse ambassade.”
-“Maar natuurlijk. Op het internet kunt U toegang krijgen tot het nationale register, en dan zoekt U de betreffende Event op. U noteert het nummer, die stuurt U per brief naar ons op en dan krijgt U van ons een officieel brief terug met de Record van de Event.”
-” ………. Sorry ik snap het niet. Welke Event moet ik opzoeken?”
-“Uw huwelijk natuurlijk.”
-“Oh sorry, ik ben waarschijnlijk niet duidelijk geweest. Ik heb juist een verklaring nodig dat ik NIET getrouwd ben. Ik ga namelijk trouwen, weet U.”
-“Ja, gefeliciteerd alvast meneer. Maar ik had U begrepen hoor, U moet dus zoeken op de gebeurtenis huwelijk.”
-“Oh. Ja. Maar hoe vind ik die dan? Ik moest toch het nummer ervan opschrijven?”
-“Precies. Dus U zoekt dat op en stuurt dat naar ons op. Overigens moet U ook Uw overlijden opzoeken, want U hebt ook een verklaring nodig dat U niet dood bent. U moet Event Free zijn, zogezegd.”
-“Sorry maar ik snap het helemaal niet meer. Als ik nog niet dood ben en nog niet getrouwd, hoe kunnen deze Events dan in het register staan? Die kunnen toch nog geen nummer hebben?”
-“Inderdaad, dat is het hem juist. U stuurt dus naar ons op dat die nummers er niet zijn, dan weten wij dat U Event Free bent en dan krijgt U die verklaring.”
-” ………….” (Hof’s halve brein is gestorven na deze logische aanslag).
-“Anders nog iets?”
-“Is het dan niet hetzelfde als ik U direct een brief stuur waarin ik zeg dat ik ongehuwd ben en niet dood en dat U mij dan de officiële verklaring geeft?”
-“Nee, Uw Events moeten wel Records in het register zijn natuurlijk. Kijkt U gewoon maar in dat register op het net, U zoekt Uw naam op en dan die Events.”
-“Bedoelt U niet dat ik mijn persoonlijke nummer of zoiets moet opzoeken?”
-“Nee, die van de Events. Weet U wat, ik weet dat veel mensen hier moeite mee hebben en zeker buitenlanders, dus ik help U wel even. Geeft U Uw naam, geboortedag en de dag dat U zich in Engeland vestigde maar even.”
-“Oh dat is heel vriendelijk! Dank U wel! Ik kwam hier in Mei 2007.”
-“Mei 2007 zegt U? Maar dat is pas twee jaar geleden. Wij beginnen pas Records bij te houden als iemand hier een jaar of twee is.”
-“Okee. Nou, dan lijkt het me dat mijn register sowieso Event Free is toch?”
-“Dat klopt, maar als we nog niets hebben bijgehouden kunnen we daar ook geen verklaring voor afgeven. U zou namelijk in die twee jaar getrouwd kunnen zijn of overleden. Het spijt me zeer.”
-“Kunt U dat dan in een brief stellen en naar de Nederlandse ambassade sturen? Ik heb toch echt een verklaring nodig dat ik ongehuwd ben, en … euh … niet dood.”
-“Sorry meneer, maar dat kan echt niet. Maar ik denk dat als U zelf de ambassade belt, ze het wel snappen.”

Dat laatste heb ik dus maar gedaan. En raad eens: ze snapten het. Sterker nog, de vriendelijke dame aan de lijn begon hartelijk te lachen toen ik haar het verhaal vertelde.
-“Hahaha ja dat horen we wel vaker hoor. Ik had U al gezegd dat het een tamelijk bizarre procedure is.”
-“Oh wist U dan ook dat het waarschijnlijk niet zou lukken?”
-“Ja hoor, om eerlijk te zijn lukt het zelden iemand om die verklaring te krijgen. Misschien 20% of zo.”
-“Oh hahahaha. Maar nu dan?”
-“Wij schelden die eis van de verklaring kwijt. U krijgt van ons gewoon een brief dat U kunt trouwen in Thailand en dat zal waarschijnlijk genoeg zijn.”
-“Dank U wel. Hebben we in elk geval gelachen vandaag.”
-“Goed meneer. En blijf Event Free he!”
-“Dank U, U ook!”

2. How to see a Doctor for Dummies
We komen bij het echt goede werk. Je inschrijven bij de huisarts. Kesaya kwam zwanger aan in Londen, dus was het zaak haar zo snel mogelijk in het medische systeem te krijgen. Eerst regelden we dat ze ingeschreven werd bij de NHS, de Engelse publieke ziektekostenverzekering die iedereen moet hebben. Je krijgt dan een brief terug met daarop je naam en je persoonlijke NHS nummer. Dit nummer geeft je recht om te werken, belasting te betalen en gratis medische zorg. Dit gedeelte ging van een leien dakje; binnen een week lag die brief op de deurmat. Mooi, op naar de huisartspraktijk.
Daar aangekomen, sommeerde de moddervette secretaresse ons om een identiteitsbewijs te overleggen, alsmede een bewijs van adres. Dat laatste moet bij vrijwel elke instantie getoond worden; het betekent dat je een brief bij je moet hebben van een officiële instantie of organisatie met daarop je naam en adres. Kesaya gaf de brief van de NHS. Het varken achter de balie ontplofte: “Hoe kunnen jullie me dat geven? Dat is toch geen geldig bewijs?”.
Wij, verbouwereerd: “Oh, euh waarom niet dan? Het is zo ongeveer het belangrijkste document dat er is in dit land en haar naam en adres staan erop.”
-“Wij nemen dat niet aan, want het heeft niet met medische zorg te maken! Je bent hier bij een huisarts!”.
-“Echt waar? De ziektekostenverzekering heeft niet met medische zorg te maken? Maakt U een grapje?”.
De troela werd nu rood. “Natuurlijk niet! We moeten een gerelateerde brief zien, van een officiële instantie.”
– “Okee dan. Wat nemen jullie dan wel aan?”.
Het antwoord deed Kesaya al in de eerste week van haar verblijf alle vertrouwen in de Engelse samenleving verliezen. Het was … een gasrekening …
Ik, oprecht lachend: “Okee, heel grappig. Daar trapten we bijna in.”
-“NO! Niet grappig. Je komt terug met een gasrekening en dan schrijven we haar in.”
-“De gasrekening staat op mijn naam, niet op de hare dus haar naam staat niet op de rekening. Zijn er nog andere brieven de op … euh … gelijke wijze zijn gerelateerd aan medische zorg?”
-“Een electriciteitsrekening voldoet ook.”
-“Okee dan. Die staat ook op mijn naam. Wat verder?”
-“Niets. U zal de rekeningen op de naam van Uw vrouw moeten laten zetten.”
Nu werd ik ook kwaad. “Dat meent U toch niet? Ik moet toch niet mijn gasrekening over laten zetten om mijn vrouw te laten inschrijven bij een huisarts? Kunt U eerst uitleggen waarom een gasrekening meer terzake doende is bij een medische instelling dan een ziektekostenverzekering?”
-“Ik ben niet verplicht U dat uit te leggen. Het zijn onze richtlijnen die dat voorschrijven.”
-“Aha! Richtlijnen. Dus niet wettelijk verplicht. In deze folder hier, uitgegeven door de overheid en de NHS, staat dat een brief met daarop je adres genoeg is.”
-“Wij hebben een regel ingesteld in deze praktijk dat onze eigen richtlijnen bindend zijn. Dus!”
Kesaya  begon ook iets te zeggen, op haar gebruikelijke, lieve rustige manier. Het varken snoerde haar direct op zeer nare wijze de mond: “No, just get the gas bill!”. Ik begon me op te winden.
-“Ik vind dit te bizar voor woorden! Stel dat het weken duurt voor die rekeningen zijn overgezet en we er weer eentje ontvangen hebben. Die dingen komen per kwartaal namelijk. Intussen is ze zwanger en moet ze een huisarts zien. Als er een probleem is, helpen jullie haar dan?”
-“Niet in deze praktijk, dat is in strijd met onze richtlijnen zonder geldig bewijs van adres.”
-“U weet dat dat in strijd is met de Eed van Hippocrates?”
-“Wij hebben niets met die man te maken. De overheid geeft ons hier gelijk in!”

We dropen af. Het enge is dat ik nu, met alle visa ellende, besef dat dat laatste waarschijnlijk nog waar is ook. De Britse overheid is al even gestoord als sommige van haar onderdanen …

1. In clerks we trust
We sluiten af met een hilarische. Hoe een ogenschijnlijk simpele handeling als het aanvragen van een rijbewijs verandert in een klucht die zelfs mijn Engelse collega’s heeft verbijsterd. Ga er eens lekker voor zitten. Pak popcorn en cola; the Hof raakt geinspireerd door dit soort heerlijke nonsens.

Laten we bij het begin beginnen. Het zal geen geheim zijn dat ik niet bepaald een fan van auto’s ben. Tot nu toe heb ik mijn hele leven heerlijk kunnen vermijden om zelf auto te rijden. Openbaar transport is, waar ik heb gewoond althans, gewoonlijk superieur aan de auto, en vaak nog goedkoper ook. Maar ja. Met een gezin wordt dat anders. En in Dubai al helemaal natuurlijk. Dus helaas, helaas, Hof moest er aan geloven. Dan maar hopen dat ik het leuk zou gaan vinden. En die droomvakantie in Italie en Kroatie met het gezin wordt er ook een stuk makkelijker op. Dus startte ik in September vorig jaar met frisse tegenzin mijn rijlessen. Ik had een locale instructeur gevonden die volgens de Internet recensies geweldig was. Veruit de hoogste cijfers kreeg hij, en nog goedkoop ook. Mijn eerste les met hem was dan ook perfect. Een oudere man, erg nuchter, netjes, geduldig, grappig, duidelijk, eerlijk … ik was weg van hem. Wel was ik bang varkensgriep van hem te krijgen, hij blafte de hele auto bij elkaar. Na afloop maakten we een schema voor meer lessen in korte tijd. Ik was enthousiast, wat een perfecte keuze was dit geweest!
De volgende les ging echter niet door. Zijn vrouw belde op dat hij ziek was. Ja, dat was wel een beetje duidelijk de vorige keer. Maar het was niet ernstig hoor, de volgende les stond gewoon nog vast. Dus ik sta een paar dagen later weer 0p de straathoek te wachten. Helaas, geen vriendelijke instructeur. Maar even opgebeld. Zonder resultaat. Niet op de mobiel, niet op het kantoor, en niet bij hem thuis. Ook vrouwlief nam niet op.
Een paar weken doorbellen leverden niets op. Tot de vrouw weer belde. Het was allemaal niet zo voorspoedig gegaan met haar man, maar hij leek er nu bovenop te komen. Volgende week zou hij me weer komen lesgeven.
Niet dus. Enkele weken later was de telefoon op zijn kantoor afgesneden, zijn mobiel deed het niet meer en thuis nam ook niemand op. Ik begon bang te worden dat de varkensgriep misschien toch iets serieuzer was dan ik dacht …

Ik ben niet bijgelovig, maar ik heb wel nagedacht over dit voorval. Probeerde iemand me iets te vertellen? Het is zelfs voor mijn persoontje redelijk bizar dat je rijinstructeur na de eerste les aan een griep bezwijkt. Maar ja, Micah kwam eraan dus ik moest toch echt mijn rijbewijs halen. Ik zette de wonderinstructeur uit mijn hoofd en belde een volgende. Dit keer een grotere school, zodat er in elk geval een vervanger zou zijn als ik mijn instructeur weer zou vellen met mijn slechte auto-kharma.
Een vriendelijke man stond me te woord, smeerde me een paar lessen aan en noteerde mijn gegevens. Ik kon de volgende dag beginnen. En, oh ja, voegde hij er op de valreep nog aan toe, vergeet morgen niet je rijbewijs mee te nemen.
-“Pardon? Mijn rijbewijs? Oh sorry, sorry maar ik ben niet duidelijk geweest. Ik kan nog helemaal niet autorijden, ook in Nederland had ik geen rijbewijs.”
-“Ja precies, dus die moet je wel meenemen. Je hebt toch wel een rijbewijs?”
-“Heh? U maakt me in de war. Ik ga auto leren rijden. Hoe kan ik dan een rijbewijs hebben?”
-“U maakt MIJ in de war. Hoe kan je auto leren rijden als je geen rijbewijs hebt?”
-“Wilt U zeggen dat ik EERST mijn rijbewijs moet halen en DAN pas ga leren autorijden?”
-“Maar natuurlijk! Je had toch al lessen gehad? Dan heb je toch al dat papiertje?”
-“Nee. Die instructeur heeft daar nooit om gevraagd. Andere rijscholen waar ik informeerde ook niet. U neemt mij toch niet in the little oat?”
-“Meneer, U heeft dan waarschijnlijk contact gehad met illegale rijscholen. Ik verzeker U dat de wet vereist dat U eerst een rijbewijs aanvraagt. Dat is overal ter wereld zo.”
-“Dat vraag ik mij ten sterkste af. Ik heb nog nooit iemand van mijn vrienden, in Nederland, Duitsland, Zweden, Singapore, Thailand weet ik veel waar dat ooit horen zeggen.”
-“Misschien is het alleen in Thailand anders dan, maar ik verzeker U dat dit overal zo werkt.”
-“Okee. Grappig, dat heb ik dan altijd verkeerd begrepen. Hoe krijg ik dat rijbewijs dan?”
-“U gaat naar het postkantoor en koopt er een. U krijgt een formulier mee dat U invult en naar de DVLA stuurt (de Britse ANWB). Dan krijgt U later een Provisional rijbewijs, die neemt U mee tijdens de rijlessen. Nadat U geslaagd bent wordt het woordje Provisional geschrapt.”
-“Goed, ga ik dat eerst doen. Bedankt voor de hulp.”

Eigenwijs als ik ben, polste ik dit natuurlijk eerst even met mijn collega’s. Alle buitenlandse collega’s, met uitzondering van de Amerikaanse, waren al even verbaasd als ik (de meesten hebben ook nog geen Brits rijbewijs). Dat van “overal ter wereld” bleek al niet waar in elk geval. Mijn Britse collega’s moesten echter hard om me lachen. Natuurlijk werkt dat zo! Wou je echt beweren dat in Nederland je je rijbewijs pas achteraf krijgt? Je kan toch niet in een lesauto stappen zonder rijbewijs? Ehrm, reageerde ik, je kan toch niet een rijbewijs geven aan iemand die niet kan rijden? Dat argument leek ze als een mokerslag in het gezicht te slaan. Nou ja, dat is toch ook niet logisch, murmerden ze uiteindelijk. Je moet toch een bewijs hebben dat je een auto in mag? Anders zou je zomaar alleen in een auto kunnen stappen. “Mag dat dan wel met een provisorisch rijbewijs?”, vroeg ik verbaasd. Nee, dat mag ook niet. Pas nadat je echte rijbewijs hebt gehaald. “Wat maakt het dan uit?”, vroeg ik. Niets. Nou dan. Nee, jij. Ja maar. Nee dus wel. Of ook eigenlijk niet. Een collega had een briljante gedachtenkronkel. Hij zei dat dit systeem vermijdt dat mensen die kwaad willen aanrichten, zomaar gaan rijden terwijl ze dat niet kunnen. Op mijn vraag of hij daadwerkelijk dacht dat een psyschopatische joyrider op het moment suprême zou worden tegengehouden door het feit dat ie geen papiertje bij zich heeft, antwoordde hij dat het dat wel degelijk deed, omdat het aanvragen van dat rijbewijs een tijdje duurt. Ik probeer hier nog steeds mijn hersenen omheen te wringen …

Nou ja, die discussie loopt dus nog, maar dat is meer ter interesse. Feit is en bleef dat ik eerst dat rijbewijs moest aanvragen. Dat deed ik dus maar. Op het postkantoor 50 pond betaald, formulier gekregen en een instructiefolder over hoe het in te vullen. Eerst maar even lezen dan. Het leek simpel. Vul het formulier in, stop dit in een envelop, doe het betalingsbewijs erbij, je paspoort en stuur het dan op naar de DVLA. Wacht even. Wat was dat? Mijn paspoort? Mijn originele paspoort moet in een envelop met de post? Diezelfde post die een vergelijkbaar bezorgingspercentage haalt als landen als Zimbabwe en Somalie? Ze bedoelen ongetwijfeld een kopie. Weet je wat, ik gooi er even een van mijn legendarische Hoffiaanse telefoontjes tegenaan.
“Goedendag. Ik lees in jullie folder dat ik mijn paspoort moet meesturen met de aanvraag voor het rijbewijs. Bedoelen jullie een kopie?”
“NEE! U moet Uw originele paspoort meesturen.”
“Oh. Okee. Hoe lang ben ik dat dan kwijt?”
“U moet rekenen op minimaal een maand. U moet er dus voor zorgen dat U Uw paspoort de komende tijd niet nodig hebt.”
“Maar ik heb die heel vaak nodig. Voor werk, maar ook om me te identificeren bij andere instanties.”
“Inderdaad, dus U moet zorgen dat U niets belangrijks moet regelen de komende tijd.”
“Is er een andere manier?”
“Nee! Daar valt niet over te praten!”
“Ik ben bang dat het kwijtraakt met de post.”
“NEE! Wij nemen ABSOLUUT geen enkele verantwoordelijkheid als het kwijtraakt. Dan zal U gewoon een nieuwe moeten aanvragen en dat opnieuw naar ons moeten opsturen.”
“Maar kan ik een kopie legaliseren en dat opsturen?”
“NEE NEE NEE! Wij moeten kunnen nagaan of U het echt bent dus hebben wij een paspoort nodig met daarin een pasfoto.”
“Oh maar dan kunnen we het makkelijker oplossen. Ik kan naar een DVLA kantoor en me daar persoonlijk legimiteren.”
“NEE! Wij staan geen direct contact toe met klanten! Het is het paspoort en anders niet! Tot ziens”
“Wacht! Hoe doen mensen dat dan die veel moeten reizen, zoals zakenmensen?”
“Die vragen een tweede paspoort aan en sturen dat op. Ik raad U aan dat ook te doen. De kosten zijn uiteraard voor Uw eigen rekening. Succes.”

Ik was zo verbluft dat ik vergat boos te worden en om zijn supervisor te vragen. Tsja. Dan moest het maar. Probleem is dat ik naar Nederland zou gaan met Kesaya. En voor werk moet ik mijn paspoort ook klaar hebben liggen. Maar even bij de directeur langs, of er kans is dat ik binnenkort moet reizen.
Die reageerde met een mengeling van lichte irritatie en geamuseerdheid. “Dat heb je echt niet goed begrepen hoor. Niemand kan eisen dat je een paspoort opstuurt.”
“Ik werd op vrij duidelijk en onplezierige wijze duidelijk gemaakt dat dit de enige manier was.”
“Belachelijk, kan niet. Wij staan ook niet toe dat je je paspoort afgeeft want misschien moet je op stel en sprong voor ons weg. Vraag onze HR dame Louise om ze te bellen, want dit geloof ik niet.”
“Okiedokie baas.”
Louise is een schat van een meid en heeft een mooi, lief stemmetje. Die zou vast wel een bres kunnen slaan in de nurksigheid die mijn persoontje ten deel was gevallen. Al diezelfde middag rapporteerde ze aan de directeur het resultaat van haar telefoongesprek. Het paspoort was inderdaad niet nodig. In plaats daarvan konden sommige andere documenten ook. De betreffende klerk had een mailtje gestuurd met daarop de vier documenten die ook konden dienen als indentificatie middel. We bekeken gezamenlijk de lijst. Deze was redelijk vreemd. Op de eerste plaats stond een …
Huwelijkscertificaat. Wij lachten hoon.
Op de tweede plaats stond een bewijs van uitschrijving uit het land van herkomst. Op de derde plaats … een salarisstrook. En uiteindelijk, ja hoor daar is ie toch, ik zei het toch al, je NHS nummer. Goed, nu praten we zaken. Ik heb al deze vier documenten, en ook al zei de email dat elk van deze op zich genoeg was voor identificatie, besloten we ze allemaal mee te sturen. Weet je wat, zei Louise, doe er ook een kopie van je paspoort bij. Weten we het helemaal zeker.
Directeur tevreden, Hofje tevreden. Bleef de vraag waarom ik zo’n andere informatie had gekregen. Daar had Louise ook om gevraagd. Haar was uitgelegd dat het “Per descretion of the clerk” was. Wat betekent dat? Ook dat was haar uitgelegd: elke klerk kan zelf uitmaken wat hij aanneemt of niet. Zijn er dan geen bindende bepalingen binnen de DVLA? Ja, dat wel, hoezo? Nou ja, raar, vond Louise, maar ze had nog een goed idee. Ze schreef een brief aan de DVLA waarin ze refereerde naar het telefoongesprek en de email, netjes uitlegde dat ons bedrijf niet kan toestaan dat we paspoorten opsturen, en dat we begrijpen dat het per descretion of the clerk is, dus vriendelijk bedankt dat jullie dit aannemen. Waterdichte oplossing. De envelop werd dichtgelikt en naar de DVLA opgestuurd.

Dat weekend was er een item op de BBC. Over diezelfde DVLA. Ze bleken schadeclaim dossiers te hebben kwijtgemaakt van 1100 klanten. Die dossiers bevatten al de relevante belangrijke documenten van die mensen: verzekeringsformulieren, aankoopbewijzen, autoregistraties, politierapporten. Allemaal zoek. De DVLA had gezegd geen verantwoordelijkheid te nemen en dat de mensen maar alles opnieuw moesten verzamelen en opsturen. Die mensen zijn toen gaan klagen en naar de rechter gestapt. Of er paspoorten bij de dossiers zaten, werd niet gezegd. In elk geval, Kesaya keken elkaar aan en glimlachten in de veronderstelling dat ons in elk geval een hoop ellende bespaard was gebleven.

Oh oh oh dat was natuurlijk zo naief van onze Hofjes. Woon je al zo lang in Engeland, en dan snap je het nog steeds niet. Een paar dagen later, toen we aan het pakken waren voor Thailand, viel er een bekende envelop op de deurmat. Het was dezelfde die Louise naar de DVLA had opgestuurd. Mijn volledige aanvraag zat er in, onaangerept. Plus een brief, waarin met vriendelijke woorden stond uitgelegd dat de klerk geen paspoort in de envelop had aangetroffen en het daarom had geretourneerd.
Als je mijn buren vraagt of ik een nette man ben, zullen ze waarschijnlijk antwoorden: Ja, maar niet als ie net post heeft ontvangen. Ik denk dat onze buurkinderen een hoop nieuwe woorden hebben geleerd in de 10 minuten die mijn scheldkanonnade duurde. Toen ik was gekalmeerd, belde ik Louise en vroeg haar in mijn afwezigheid de DVLA te bellen en om opheldering te vragen. En om de aanvraag, indien mogelijk, opnieuw te doen.
Dat deed Louise, plichtsgetrouw als ze is. En ze kreeg antwoord. De betreffende man had haar hele brief niet gezien, maar gewoon in de envelop gekeken, geconstateerd dat er geen paspoort in zat en het toen domweg afgekeurd. Dat was niet de afspraak, zei Louise. Nee inderdaad maar ze konden er weinig aan doen. Per descretion of the clerk, weet U nog wel. Er werd aangeraden om het gewoon te blijven opsturen tot het wel een keer succes had.
Louise zei dat dat toch echt onacceptabel was. Ze moesten zich nu verplichten een identificatiedocument te noemen dat ze ten elke male zouden aannemen, anders zou Global Maritime maatregelen gaan nemen in verband met “Hurting of business.” En daarop kwamen ze inderdaad terug met een nieuwe eis. Het bleek mijn geboorteakte te zijn. Als we die zouden sturen, kon er echt, echt, echt niets meer mis gaan. Dat is dus intussen gebeurd. Het resultaat ligt nu waarschijnlijk op mijn deurmat te wachten op onze thuiskomst. Dat gaat helaas nog even duren maar dat is misschien positief. Ik weet niet of mijn buren een verdere verrijking van de woordenschat van hun kinderen erg zullen waarderen …

Lang verhaal geworden, sorry daarvoor. En dan is het echt hilarische nog niet eens aan bod gekomen. Dat formulier dat ik moest invullen had namelijk ook nog een grappig addertje onder het gras. Er moest een pasfoto bij. Redelijk genoeg natuurlijk. Wat wel raar was, dat ie op de achterkant getekend moest worden. Goed kan ook. Oh wacht, niet door mijzelf. Door wie dan? Ik citeer de handleiding:
Uw foto moet worden getekend door een betrouwbaar persoon in Uw omgeving die U goed kent en die kan instaan voor het feit dat U daadwerkelijk de persoon op de foto bent. De persoon die tekent zal verantwoordelijk worden gehouden in het geval foute informatie is verstrekt aan de DVLA.
Okay, dat is serieuze shit! Dan maar een echt betrouwbare persoon uitzoeken. Maar ja, wie? Gelukkig, gelukkig, de volgende paragraaf geeft uitkomst:
Personen die door de DVLA als betrouwbaar worden beschouwd zijn de volgende:
Zo, gaaaaaafff! Dit documentje gaat ons gewoon even een prachtige inkijk gunnen in de psyche van de Britse ambtenarij. Wie is er betrouwbaar en wie niet? Mijn handen trilden bijna toen ik op het punt stond deelgenoot te worden gemaakt van deze uiterst belangrijke informatie. Bent U ook benieuwd? Uiteraard. Dus laten we gaan. Wie stond er bovenaan de lijst betrouwbare personen, als op ongetwijfeld wetenschappelijk verantwoorde manier vastgesteld door de DVLA? Laat ons niet langer in spanning Hof! Wie zijn het? Wie? Wie? Wie? Ik zal het jullie zeggen. De lijst begon met …

1. Local shopkeepers (plaatselijke winkeliers)

Maar natuurlijk! Wie kan ooit twijfelen aan de betrouwbaarheid van de man achter de toonbank van de plaatselijke kruidenier? Staande tussen de blikken erwten, de sigaretten en de softporno bladen is deze man natuurlijk uitermate geschikt om garant te staan voor de identiteit van autorijders op snelwegen door heel Engeland heen! Lieve lezers, ik zal U zeggen dat ik ontroerd was door het feit dat deze bastions van juridische stabiliteit eindelijk eens de erkenning krijgen die ze al zo lang verdienen. Zonder meer de terechte nummer 1!
Maar wie staat er dan op twee? Wie zijn, weliswaar niet in dezelfde mate als slagers en sigarenboeren maar nog steeds heel significant, in staat om de meest skeptische ambtenaar te overtuigen van hun integriteit?

2. Librarians (bibliotheek medewerkers)

Daar hoeven we denk ik verder weinig woorden aan vuil te maken, nietwaar? Want niemand kan de identiteit van een autorijder zo goed garanderen als iemand die elke zaterdagmiddag zich van haar verantwoordelijk taak kwijt de orde en rust te bewaren in de plaatselijke bieb. Dat is logisch natuurlijk.
Wie zouden er op nummer drie staan? Aha kijk, het was blijkbaar een nek aan nek race, want onder nummer drie staan twee beroepsgroepen genoemd:

3. Professionals like lawyers and engineers (Advocaten en ingenieurs)

Hoera hoera hoera! Ingenieurs worden als betrouwbaar gezien! Niet zo betrouwbaar natuurlijk als winkeliers en bibliotheekdames, maar wel net zo betrouwbaar als … Wacht. WACHT! Wat is dat???? ALS ADVOCATEN? Welke idioot zit hier met de voeten van ons ingenieurs te spelen? Is dit een directe belediging? Worden wij op 1 lijn gesteld met mensen die voor hun beroep liegen? Is het zo slecht gesteld met ons imago? We moeten hier toch maar een serieuze PR campagne tegenaan gooien, techniekbroeders. Dit kan natuurlijk nooit de bedoeling zijn.
Maar er is goed nieuws. Er staan nog 7 andere groepen op die lijst, dus die hebben we in elk geval verslagen. Kijk bijvoorbeeld maar eens wie er op nummer 4 staan:

4. Police officers (politie agenten)

Zo, dat is handig. Als ik dan straks eindelijk kan autorijden, in 2018, dan maak ik een verkeersovertreding, en als dan een politieagent me bekeurt kan ik het altijd glashard ontkennen. Ja ik bedoel wie gaat de rechter geloven dan? Ik wapper gewoon met het lijstje van de DVLA, waarop toch duidelijk staat dat ik als ingenieur betrouwbaarder ben dan een agent. Dus daar ga je dan.

Goed, dat was het. Felicitaties aan de lezers die het tot hier hebben volgehouden. Ik moet er mee ophouden. Kesaya en ik gaan nu namelijk Micah naar de garage brengen om een formulier te krijgen waarmee we zijn inentingen kunnen ophalen bij de bakker.