Categorie archief: Uncategorized

Schelpen en schavuiten

Sorry iedereen, veels te lang niet geblogd. De redenen laten zich raden; verhuizen, werk afronden, gedoe en geregel, en Micah wordt er niet makkelijker op. Wel leuker, dat dan weer wel.

Tsja, wat valt er te zeggen. Over twee daagjes is mijn hele expat-avontuur voorbij. Ik zal jullie niet vervelen met melancholische mijmeringen, daar zit ongetwijfeld niemand op te wachten, maar jullie kunnen je voorstellen dat het nu, vanuit mijn hotelkamer in Bangkok, 36 uur voor ik terug naar Nederland vlieg, allemaal een beetje onwezenlijk aandoet. Vier jaar weggeweest, nog niet eens zo lang, maar er is zoveel gebeurd. Maar goed, zoals ik al zei: geen plaats hier voor sentimentele terublikken. Ik ga gewoon doen waar ik goed in ben: een beetje voor me uit tateren.

Zal ik anders eens beginnen met wat goed nieuws voor de verandering? Kesaya heeft haar inburgeringstest gehaald! Ze mag nu een MVV (machtiging voor voorlopig verblijf) aanvragen. Dat duurt een maandje of drie, maar zolang kan ze in Nederland blijven op een toeristenvisum. Dat was in Dubai afgegeven onder vrij relaxede omstandigheden. Die ambassade is een stuk bereikbaarder en schappelijker dan die hier in Bangkok. Zakkenwassers zijn het hier, vervelende lui die hopelijk snel overgeplaatst gaan worden naar Libie of Ivoorkust. Maar gelukkig heeft dat Kesaya haar testresultaat niet in de weg gestaan. Die pakken ze haar niet meer af. En ze kan nu mooi wat meepraten in Nederlands. Nog niet veel, maar het begint goed op gang te komen. Ik moet al oppassen met wat ik tegen Micah zeg.

Zal ik er even een fotootje tegenaan gooien anders? Maar doen he? Kijk, dit gebeurt er nou als je twee maandjes salaris moet missen. Dan moet je leven op wat de zee wat je geeft. Helaas bleek dat geen haring of zalm sashimi te zijn, maar een wat minder gangbaar beest. Best smakelijk nog hoor, zo’n degenkrab. Kreeg alleen die staart moeilijk weg, het pantser ging nog wel.
Deze delicatesse was ons aangeboden door Marco, onze man op Samui. Hij nam me mee naar het schelpenmuseum van zijn vriend Willem. Een interessante Belg die al heel lang op het eiland woont en daar dus een museum voor schelpen en krabben heeft opgezet. Het was erg goed vertoeven met hem, onder het genot van een biertje vertelde hij de meest bizarre verhalen over de op het eerste gezicht zo suffe weekdieren. Wel, suf zijn ze allerminst. Allereerst zijn het krengen van het zuiverste water, althans, sommigen dan. Zo boren bepaalde schelpen gaten in andere schelpen om daar dan vervolgens het slachtoffer door op te zuigen. Dit doen ze met een bepaald zuur dat ze via de voet afscheiden. Andere schelpen gebruiken een soort werpharpoen om hun prooi te pakken, een beetje zoals kwallen dat doen.
Luguber verhaal: op het strand van een klein onbewoond eiland werd eens een pasgetrouwd koppel dood gevonden, daar waar ze de vorige dag bij wijze van romantiek voor de nacht waren achtergelaten. De vrouw bleek te zijn gewurgd, dus dat moest haast wel door de man zijn gedaan. Onbewoond eiland tenslotte. Maar waarom? En waarom was die kerel zelf dood? Men vond in de nek van de man een klein harpoentje, dat afkomstig is van de conus geographicus. Een mooi en onschuldig uitziende schelp, welke helaas de vervelende eigenschap heeft een giftige pijl af te schieten als je hem van het strand opraapt. Alvorens het slachtoffer bezwijkt aan het gif, valt die ten prooi aan een nietsontziende razernij. Vandaar die gewurgde vrouw dus. Luguber niet? Stel je dat paar voor op hun honeymoon, alleen op een mooi tropisch strand, azuurblauwe zee, wandeling op het hagelwitte strand, en dan pakt meneer een mooie schelp op om aan zijn lieve vrouwtje te geven. Oeps …

Leuker verhaaltje dan? Jullie weten dat ik een zwak heb voor bizarre dierenfeitjes. Niets zo mooi als de dierenwereld, het kleinste beest is al een fascinerende wereld op zich. En het mooiste is, dat ik na dertig jaar obsessie nog steeds versteld kan staan. Neem deze schelp, waarvan ik even de naam vergeten ben. Zien jullie hoe dit dier is opgebouwd, letterlijk welteverstaan? De oorspronkelijke schelp is de  witte wervel in het midden. Zo is hij, of zij, daar wil ik van af wezen, “geboren”, zeg maar. Die andere schelpen aan de rand lijken op het eerste gezicht lukraak te zijn vastgekoekt. Maar dat is dus niet zo. Deze schelp gaat bewust op zoek naar extra lichaamsdelen. Als ie een geschikte schelp vindt dat in zijn vooropgezette bouwplan past, dan positioneert hij zich er naast en last dan met een bepaalde kalkafzetting de schelp aan zichzelf vast. Op de plek die hij in gedachten had. Kijk nog maar eens naar de foto: er zitten 8 “ledematen” aan die in een gelijkmatig patroon van telkens 3o graden aan de rand zijn geplakt. En dan vraag ik me af: HOE WEET DIE FOKKING SCHELP DAT? Hoe kan een slijmerige massa bepalen hoe ver 30 graden van de vorige plek af is? Hij heeft toch zeker geen geodriehoek bij zich of zo? En hoe is een weekdier, zonder aantoonbaar brein of zelfs maar centraal zenuwstelsel, zich er van bewust dat ie, bijvoorbeeld, nu 5 ledematen heeft en nu op zoek moet naar de volgende drie? De vraag WAAROM de schelp het doet, wist Willem makkelijk te beantwoorden: hoe meer uitsteeksels, des te meer kans dat de schelp als hij van een rots afvalt niet wegzinkt in de zeebodem. Die uitsteeksels geven weerstand tegen het zand, zodat de schelp veilig in het water kan blijven en terug zijn rots kan opklimmen. Nou, is dat fascinerend of niet? Dacht het wel, toch? En anders doen we er een nog een vindsel van Marco bij, ook pure schoonheid (dat vindsel, niet Marco): een dolfijnenschedel. Van de Samuiaanse roze dolfijn, om precies te zijn. Schitterend, nietwaar?


Zo, terug naar meer alledaagse zaken. Jullie vroegen je vast al af, waar blijft Micah nou? Ik sla even een bruggetje naar onze laatste maanden in Dubai. Die waren, gek genoeg, nog niet eens zo erg. Tenminste, ik stierf elke dag innerlijk een stukje af, maar Kesaya en Micah daarentegen hebben zich prima vermaakt. Ironisch genoeg maakte mijn Thaise schatje razendsnel opgang in de Jumeiraanse kringen. Waar ze aanvankelijk tegen het stigma van de housemaid moest vechten, werd ze uiteindelijk een soort van spil tussen de werksters en de “madams” (de expatvrouwen die die housemaids in dienst hebben). Die twee groepen leven normaal gescheiden langs elkaar heen, wat je goed kan zien op het strand en bij de kinderspeelplaats. Een groepje met de Phillipijnse werksters en de koters onder hun hoede, en een groepje Westerse/Arabische madammen die de tijd hebben weten te vinden zelf eens wat met hun kroost te gaan doen. En Kesaya laveerde sierlijk tussen beide groepen door. Een soort bruggehoofd zeg maar. En zo kreeg ze vriendinnen uit Egypte, Noorwegen, China, Phillipijnen dus, Zweden, Syrie, Frankrijk, Nieuw Zeeland, Zuid Afrika … Uiteindelijk resulteerde dit in wat hopelijk het begin van haar culinaire carriere gaat worden: de eerste kooklessen. Kijk die Jumeirah Janes eens aandachtig die Thaise kookkunst in zich opnemen. Voor papa ook prettig natuurlijk, een huis vol MILFs.

Micah bleek wat minder integreerderig. Zijn enige interactie met andere kindertjes bestond uit hen wegduwen als ze in de weg stonden of het afpakken van hun speeltjes. En hij kwam er nog mee weg ook, vanwege zijn lieve smoeltje. Een gevaarlijke combinatie, dat: een engelengezicht en een duivelsinborst. Nu maar hopen dat hij een goedaardige dictator wordt later, anders zou ik iedereen nu alvast willen aanraden uit Nederland te emigreren.
Goed, ik scherts uiteraard (lichtelijk), maar het is een lastige knul. Onze buurman, een professionele fotograaf, was dol op hem omdat het zo’n markant kind is. Op een dag had hij het lumineuze idee gehad om op de speelplaats mooie foto’s van alle kinderen te maken, die dan aan de ouders te schenken en zo reclame te maken voor volle poseersessies. Bij ons kwam hij helemaal opgetogen aan de deur om de foto af te leveren. “Fantastisch!”, riep hij uit, “Wat een unieke kans voor elke zichzelf respecterende fotograaf is jullie kind. Andere kinderen gaan suf rechtop voor de camera zitten en zetten een innemende glimlach op. Maar niet Micah! Die is rauw en echt, woest en knap, een geschenk voor elke lens! En dan had ik ook nog eens het geluk dat ik er precies toen ik afdrukte wat extras gebeurde!” Dus wij verbaasd, wat was er dan zo bijzonder dan? Wel, dit dus:


LOL! We kwamen niet meer bij van het lachen. De buurman snapte de grap niet. Dit was toch geweldig, zeker? De twee moeilijkst te fotograferen dingen, babies en dieren, samen vereeuwigd in zo’n explosieve foto, what’s not to like? Wel, riposteerden wij, we snappen de waarde van deze kiek vanuit een artistiek perspectief, maar heb je ook nog een, euh … lieve foto van Micah gemaakt? Oh ja, die had ie ook, maar die vond ie maar suf. Nou vooruit, als jullie die met alle geweld ook willen hebben, hier dan.
Maar die ga ik nu niet laten zien, die kunnen jullie straks bij ons op de muur komen bewonderen. Ik gooi er intussen een eigenhandig geschoten gallerijtje van Micahs Mooiste Midden-Oosten Momenten tegenaan. En dan ga ik er voor nu een eind aan breien en nog even van Bangkok genieten.





Hof doet stichtelijk

Het is Zondag, dus tijd voor een stichtelijk verhaal. Vandaag zal ik de kansel beklimmen teneinde Uw voorganger te zijn. De Schriftlezing is van The National, album “Boxer”, vers “Racing Like a Pro“. Geniet U even met mij mee?

You’re pink you’re young you’re middle-class
they say it doesn’t matter
fifteen blue shirts and womanly hands
you’re shooting up the ladder

Your mind is racing like a pro, now
oh my god it doesn’t mean a lot to you
one time you were a glowing young ruffian
oh my god it was a million years ago

Sometimes you get up and bake a cake or something
sometimes you stay in bed
sometimes you go la di da di da di da da
til your eyes roll back into your head

Your mind is racing like a pro, now
oh my god it doesn’t mean a lot to you
one time you were a glowing young ruffian
oh my god it was a million years ago

you’re dumbstruck baby
you’re dumbstruck baby now you know
you’re dumbstruck baby
you’re dumbstruck baby now you know

Mensen vragen mij wel eens: maar Hof, wat betekent dat nou? En dan kan ik dat braaf gaan zitten vertalen, maar ik kan er ook een mooi verhaal van maken. Luister.

Laatst was ik met Micah aan het spelen, althans, Micah rende het huis rond en ik sjokte er achteraan, en het trof me hoe schitterend enthousiast mijn knaapje over alles is. Poes aan zijn staart trekken, miertjes achtervolgen, mama’s schoen verstoppen, papa’s telefoon mollen; alles is mooi en prachtig. Elke minuut worden nieuwe leuke dingen ontdekt, en dat wordt dan vervolgens met grote vragende ogen onderzocht. Maar niet te lang, want hop we moeten weer verder rennen, naar iets nieuws dat bekeken, gelikt of gegooid moet worden.
En daar slofte ik dan achteraaan, met mijn bierbuikje en energieniveau van een drietenige luiaard, en ik vroeg me af wat er in hemelsnaam is mis gegaan. Ik bedoel, niet met het feit dat ik nu acher Micah moet aanrennen, maar wat is er met MIJN verwondering gebeurd? Het is weg, al jaren! Waar is die vonk van expressie, dat enthousiasme als je op het punt staat iets nieuws te ondergaan, dat heilige vuur om buiten de platgebaande banen te treden? Weggeteerd is het, geerodeerd door de jarenlange focus op maatschappelijk slagen en carrierebejag. De schoonheid in de kleine dingen zie ik allang niet meer, mijn verwondering is op stoicijnse wijze platgebeukt door de sleur van de dag. Ik ben niet ongelukkig hoor, in tegendeel zelfs, maar dat gevoel dat alles nog te ontdekken valt, dat is kwijt en dat vormt een dierbaar gemis.  


Natuurlijk, Micah heeft makkelijk brabbelen. Die hoeft geen visa te regelen, of met stompzinnige idioten te onderhandelen, of werk binnen te slepen voor de baas. Maar toch, een compromis moet toch mogelijk zijn? Het is immers maar tien jaar geleden dat ik zelf nog heerlijk onbezonnen was, deed wat ik wilde en de volgende dag? Dat zag ik dan wel weer. Dat leverde me bepaald geen applaus op maar man, wat stond ik toen toch heerlijk onbevangen in het leven! Nu sta ik ’s ochtends op en mijn gedachten gieren naar alle dingen die de komende dag moeten worden geregeld. Voor werk, voor prive, voor familie, voor alles. Ik ga naar werk, kom weer thuis en ga weer slapen met een constant galloperend brein. Ik moet weer terug naar de state of mind waarin ik 20 keer naar hetzelfde liedje kon luisteren. Of een uur lang naar een schilderij kon zitten staren. Of in een bos gaan zitten en dan nadenken over een boom. Of elk artikel in de krant uitspitten. Of wat dan ook, als het maar weer enthousiasme teweeg brengt.  


Eigenlijk moet ik dus bij Micah in de leer. En vaak naar The National luisteren. Want dit is precies waar dat schitterende nummer bovenaan over gaat. Ik hoef geen “ruffian” meer te worden zoals vroeger, maar een beetje meer lol in wat ik doe en wat minder erover peinzen zou mooi zijn. Werk doen dat ik leuk vind en waar ik trots op kan zijn. Bovendien ergens leven waar ik me prettig voel.
En daarom ga ik dus een nieuwe stap zetten. Een stap terug welteverstaan. Wat ik bedoel? Wel, hopelijk kunnen jullie snel mijn gepreek weer van dichtbij aanhoren …

Bladiebladieblah

Vandaag ga ik gewoon eens lekker weg ouwehoeren. In tegenstelling tot mijn normale berichten, waarin ik … eh … euh … wat voor me uit blaat. Dus als jullie aan het eind van mijn verhaal zoiets hebben van “Maar Hof, ik heb hier helemaal niets van opgestoken!”, dan niet zeuren want jullie zijn gewaarschuwd. Bij deze.

Waar te beginnen? Er is een hoop gebeurd dat het vermelden waard is, maar het meeste is meer van de gebruikelijke narigheid. En ik had me nou juist zo voorgenomen jullie daar niet meer mee lastig te vallen. Het is soms ook lastig om te kiezen wat ik wel en niet op mijn blog wil zetten. Sommige dingen wil ik van me af schrijven, maar het moet ook niet lijken alsof ik met de ellende koketteer. En zeker als de narigheid anderen betreft, past misschien wat discretie. Nou ja, laat ik maar gewoon gaan tikken, dan zien we wel waar we uitkomen. Maar ik beloof alvast: aan het eind gooi ik er wat spanning en sensatie tegenaan!

Natuurrampen, het valt tegenwoordig haast niet meer bij te houden. Ik vraag me vaak af of er de laatste tijd inderdaad meer overstromingen, modderstromen, droogtes, aardbevingen en andere ellende voorkomen of dat dat maar zo lijkt. Bijvoorbeeld door de grotere aandacht van de media en de steeds lagere acceptatiegraad van risico die we hanteren. Want zeg nou zelf, de mensheid heeft het steeds beter, we leven langer en gezonder, we hebben vrije tijd en geld en kunnen gaan en staan waar we willen. Natuurlijk, grote delen van de wereld zijn nog steeds een stuk slechter af dan wij in het Westen, maar het Grote Lijden van vroeger wordt steeds meer en meer teruggedrongen. Ik durf gerust de stelling aan dat de mensheid als geheel het nog nooit zo goed heeft gehad, en dat zelfs arme gemeenschappen in ontwikkelingslanden het netto beter hebben dan de gemiddelde slaaf of horige in de Middeleeuwen. Maar daar mag over gediscusieerd worden, graag zelfs.
Mijn punt is echter dat we door deze steeds betere omstandigheden steeds minder gevaar en risico accepteren. Elk menselijk leed wordt tegenwoordig onder een vergrootglas gelegd, zowel op de persoonlijke schaal (ziektes) als op grote schaal (natuurrampen dus). Nou kan ik me dat prima voorstellen waar het lijden te verkomen valt, bijvoorbeeld als het door menselijk handelen wordt veroorzaakt. Het is en blijft onacceptabel dat onschuldige mensen de dood vinden door oorlogen over grond of olie. Ziekte door vervuiling of gebrek aan medische zorg en inentingen horen natuurlijk niet meer voor te komen in deze tijd. Maar de mensheid lijkt het meer dan ooit tevoren onacceptabel te vinden dat we lijden door willekeurige oorzaken, waar we normaal gesproken geen invloed op hebben. De natuur dus. Of hebben we dat wel? Hier ligt ruimte voor eens mooie beschouwing over ecologie, global warming, overbevolking en de rol van techniek. Maar dan laat ik graag aan anderen die daar zinnigere dingen over te zeggen hebben. Voorlopig vraag ik me alleen af of er echt aanwijsbaar meer natuurrampen plaats vinden dan pakweg 10 jaar geleden. Of wordt er meer aandacht aan besteed vanwege de genoemde redenen?

Ik schrijf dit allemaal omdat ik zelf voor het eerst van dichtbij te maken heb gehad met een dergelijk fenomeen. Jullie hebben vast wel meegekregen van de overstromingen in  Thailand? De meeste getroffen gebieden waren in het Noorden, maar er was een stad in het Zuiden die zijn portie kreeg. Laat dat nou net HatYai zijn, waar Kesaya’s moeder en Fransje wonen. Helaas kwamen wij daar allemaal wat laat achter, beetje slecht van ons. Pas toen we op CNN beelden zagen van het ondergestroomde stadscentrum, zochten we op de Thaise nieuwszender wat er precies aan de hand was. Toen we Fransjes school zagen voorbijkomen, of althans, slechts het dak ervan, raakten we ietwat ongerust. De daaropvolgende luchtfotos toonden dat letterlijk de hele stad onder water stond. Op sommige plekken stond het water tot 4 meter hoog! Ohhhhhhh … en dat was al meer dan een dag aan de gang! Direct geprobeerd de familie op te bellen, maar dat ging natuurlijk niet. Alles in de stad was afgesloten, telefoon, water, electriciteit … Lichtelijke paniek in huize Hof. Anderhalve dag in onzekerheid gezeten, maar gelukkig kwam toen het verlossende telefoontje. Ze waren veilig. Sterker nog, eigenlijk bleek dit een mooi staaltje geluk. De hele stad was overstroomd, zeiden ze op het nieuws. De hele stad? Nee, gelijk Asterix en zijn dorp onoverwinnelijke krijgers stand hielden in bezet Gallia, zo was de buurt van Kesaya’s familie als enige gespaard gebleven. Ze bleken op een heuvel te wonen en die was net hoog genoeg om het water buiten te houden. Goed, prettig was het niet natuurlijk want feitelijk leefden ze nu drie dagen op een eilandje. Zonder electriciteit, stromend water en winkels. Fransje was vast dolblij dat ie niet naar school hoefde, maar minder blij toen bleek dat zijn computer het ook niet deed. En dat ie een radigrafisch bestuurbare auto van ons had gekregen in plaats van een boot. Die had nog goed van pas kunnen komen!
Nou ja. Goed vanaf gekomen in elk geval. Maar wel vreemd. Nog geen zes weken geleden had ik een avondje op Fransjes schoolplein doorgebracht (ik zat toen in mijn hangjongere fase), en nu zag ik ineens die school volledig overstroomd op het nieuws. De keer dat ik daarvoor net Thailand had verlaten, ging er een heel winkelcentrum in vlammen op waar ik zojuist nog had gelopen. Misschien volgende keer maar in Thailand blijven, om erger te voorkomen …

Nou, dat was verhaal 1. Er komt nog een wat minder gezellig verhaal en dan gaan we naar het sappige materiaal toe. Veel woorden gaan er overigens niet vuil gemaakt worden, dat is niet nodig. Kesaya moest vorige week met spoed worden opgenomen in het ziekenhuis. Ze had de hele dag al geklaagd over maagpijn, opstopping en bloedverlies. Helaas zat ik in Abu Dhabi en was afhankelijk van collegas om terug te komen. Toen ik eenmaal terug was, deed ik iets waar ik me diep voor schaam maar op dat moment leek het onvermijdelijk: ik werkte nog een half uurtje door omdat er iets per se voor 7 uur de deur uit moest… Tsja, slechte afweging geweest bleek later. Net voordat ik op Verzenden had gedrukt kwam Kesaya van het toilet om te vertellen dat ze wel erg veel bloed had verloren. Micah in de kinderwagen gegooid, spullen bij elkaar geraapt en in de taxi gesprongen. Naar de 24 uurs kliniek, waar ze een huisarts consult hebben. Die keek 1 seconde naar Kesaya en stuurde ons door naar een ander ziekenhuis, afdeling Spoedgevallen. Daar nog een stief uurtje moeten wachten tot we geholpen werden. Uiteindelijk bleek dat een stuk darm was opgestulpt en naar buiten was gekomen. Aangezien dat al de hele dag aan de gang was, was er een bloedstolsel ontstaan (acute trombose) met als gevolg de eerste symptomen van gangreen. We waren er net op tijd bij, volgens de dokter. Eventjes later en het was levensbedreigend geworden. Zooooooo … en ik moest zonodig nog een half uurtje doorwerken … Lekker Hof, het ging al niet zo goed met je karma de laatste tijd. Nou ja, als straf moest ik uren met een gillende en spartelende Micah wachten tot Kesaya was opgenomen. Ze moest aan een plasma-infuus vanwege het bloedverlies en kreeg een stoet antibiotica om de gangreen te bestrijden. Erg heftig allemaal, en daar kwam bij dat het nogal druk en hectisch was in dat ziekenhuis. Tegen middernacht kon ik dan eindelijk mijn handtekening onder een noodzakelijk formuliertje zetten en mocht ik gaan. De volgende ochtend zouden ze Kesaya opereren.

Dikke stress allemaal. Wat ook niet hielp is dat Micah bronchitis had (we waren nota bene twee dagen geleden nog in dat zelfde ziekenhuis geweest!) en ookonder de medicijnen zat. Na een nare, slapeloze nacht Micah aan de wekster overgelaten en terug naar het ziekenhuis gegaan. Daar bleken de zaken al een stuk opgeklaard. De opstulping had zich teruggetrokken dus een operatie was niet meer nodig. Ze moest nog wel een dagje ter observatie blijven en om aan te sterken. Die avond waren we gelukkig weer samen thuis.
Opgelost is het helaas nog niet, want dit mag natuurlijk niet weer gebeuren. Morgen moeten we terugkomen voor nader onderzoek. Dan volgt er waarschijnlijk binnen enkele dagen daarna een operatie die wat minder heftig zal zijn dan oorspronkelijk gepland. Met de nieuwste apparatuur, zo is ons verzekerd. Mhhhh … het is niet zozeer dat ik me zorgen maakt over de apparatuur, maar over de mensen die het bedienen. Gelukkig staat het ziekenhuis vrij goed aangeschreven dus het zal wel loslopen. Voorlopig zijn we blij dat het allemaal relatief goed afgelopen is.

Nou, nare verhalen he? Sorry, kan er ook allemaal niets aan doen. Wat gebeurt dat gebeurt. Maar ik had beloofd er nog een sappig stukje tegenaan te gooien. Nee, niet zoals in mijn Baku tijd, jij weet toch, Hof nu braaf en zo. En als er al dergelijke dingen te melden waren, dan ga ik dat toch echt niet meer op mijn blog zetten! Zeker niet nu Kesaya Nederlands aan het leren is natuurlijk.
Nee, het gaat om mijn vriendenkring in Dubai. Die is nog tamelijk pril te noemen helaas. We hebben niet veel moeite genomen om te integreren en om eerlijk te zijn: ik zie dat ook niet zo snel gebeuren. Veel verwende expats en omhooggevallen sherry-vrouwtjes (Jumeirah Janes in de volksmond). Mensen die in hun eigen land niets voorstelden en nu trots zijn op het feit dat ze in een dikke auto kunnen rondrijden. Wel geld maar nog steed geen smaak, dat soort lui.
Nou natuurlijk niet iedereen he. Nee, kom zeg, dat zou niets voor mij zijn, om zo grof te generaliseren. Mijn collegas zijn hele toffe mensen, tenminste, de meesten dan, en met hen willen we nog wel eens socialiseren. Daarbuiten ziet Kesaya nog wat live-in-maids vanuit ons gebouw, en een enkele expatvrouw die niet te vies van is haar kinderen zelf uit te laten. Ik heb verder maar een echte vriend, die ik voor het gemaak maar even Frans noem. Oh ironie, Frans is een makelaar! Een door mij menigmaal verfoeilijkte bevolkingsgroep. Nou geeft Frans ruiterlijk toe dat een goed gedeelte van zijn collegas inderdaad de zuurstof die ze ademen niet waard zijn, maar hij is een goeie. En dat weet ik, want hij heeft mij aan mijn prinselijke onderkomen geholpen voor een relatief spotprijsje. Hij had me makkelijk iets veel duurders en slechters kunnen aansmeren en daar was ik met beide benen ingetuind, maar dat deed hij dus niet. De lakmoestest was echter dat de deal via twee tussen agenten was geregeld, zodat zijn commissie minimaal was. Veel agenten zoeken dan een huisje verder voor je, teneinde wel de hele commissie te kunnen opstrijken. Maar Frans vond dat dit huis perfect voor ons gezinnetje was, en bovendien woont hij zelf in de buurt dus dat leek hem wel gezellig. We hadden elkaar redelijk leren kennen tijdens de huizenjacht en ik vond hem een geschikte, joviale en gezellige kerel. Goed gevoel voor humor ook.

Er was wel een ding aan hem dat me niet zozeer tegenstond als wel prikkelde. Frans komt uit Zimbabwe, dus dan is het onvermijdelijk dat een keer het gesprek op de deplorable toestand van dat land uit komt. Ik begon voorzichtig, op de mij zo bekende subtiele manier, zo van “Oh kom je uit Zimbabwe? Dan ben je vast gevlucht voor de dictatuur! Erg he, wat daar allemaal gebeurd? Klootzak, die Mugabe, dat ze die nog niet hebben opgepakt! Zeker wel blij dat je nu hier woont nu?”, maar Frans liet blijken dat het allemaal wat genuanceerder lag. Ja allicht, alles ligt altijd genuanceerder, maar we gaan nou toch niet een hele dictatuur en alles wat daar gebeurd is weg relativeren? Nou ja, dat kon wel vond Frans want al het nieuws wat wij krijgen is ook maar propaganda, overgoten met een Westerse moraal en juist in dit geval is dat vertekenend want het Westen is zelf verantwoordelijk voor de situatie in zijn land. Kolonialisatie, genocide, grondstoffenroof, slavernij, en dan opeens de boel achterlaten en zeggen je zoekt het maar uit. En dan een dictator, Robert Mugabe dus, in het zadel helpen en die vervolgens weer als een baksteen laten vallen als ie niet naar de pijpen van de blanke man luistert. Dus wij konden beter onze kritiek een beetje matigen; zo erg is het is Zimbabwe allemaal niet en zeker niet vergeleken met hoe het was onder de Britten. Of de Nederlanders in Zuid-Afrika.
Nou ja, ik had het allemaal wel eens eerder gehoord en ben het er op zich in grote lijnen mee eens, maar het klinkt allemaal een beetje apologetisch. De blanke machthebbers zijn daar nu al dertig jaar weg en het land is nu vervallen tot een grote bende. Alleen de rijken hebben het goed, zoals altijd het geval in dat soort nepotistische dictaturen. Maar goed, Frans en ik vonden de middenweg in onze meningen en we lieten het er verder bij. Ik nam aan dat zijn familie zelf tot de rijkeren behoorde, een idee dat werd gestaafd toen Frans vertelde over het grote landgoed waar hij opgroeide, met leeuwen en olifanten en ander gespuis. En ach, ik word zelf ook ouder en milder, principes zijn voor de jeugd. En dus bleven Frans en ik gezellig onze biertjes drinken en hadden het over vrouwelijke secondaire geslachtskenmerken in plaats van de politiek in Zimbabwe.

Tot vorig weekend. We ontmoetten elkaar in de strandbar voor mijn deur en raakten goed beneveld. Op een gegeven moment wilde Frans wat bekennen. Ik dacht “Oh God hij gaat me vertellen dat ie me wel heeft afgezet met het huis, of dat de genetisch gemuteerde mierenplaag in onze slaapkamer het resultaat is van kernafval in de kelder, of dat zijn nichtje me wel ziet zitten (dat bleek later ook het geval te zijn maar daar gaat dit verhaal niet over), of iets anders ongehoords”. Maar nee. Plompverloren vertelde hij me dat Robert Mugabe zijn oom is! Ohhhhh … en ik had gezegd … maar goed, een achter-achter oom dan toch wel? Nee? Eerste graad? Broer van je vader? Oh. Pomtiedomtiedom. Lekker dan. Ehrm, dat ben je toch hopelijk wel weer vergeten he, wat ik eerdaags alemaal over je oom had gezegd? Ik bedoel, ik vind leeuwen en krokodillen best gezellig beesten maar ik hoef ze niet van dichtbij te zien. Trouwens, je hebt zooooooo gelijk over onze Westerse dubbele moraal. Nee, ben je gek joh, helemaal waar, blij dat Mugabe nog opstaat tegen onze hypocrisie. Altijd al een schappelijk vent gevonden. Zeg, nog een biertje? Wat denk je, mag ik eens op safari komen? Dat vindt ie vast wel goed toch?

Nou ja zo ging het niet helemaal natuurlijk, maar grappig was het ergens wel. Later die avond was ik uitgenodigd om bij hem thuis te komen eten, waar meer leden van de famileie aanwezig waren. Onder het eten vroeg een tante: “Weet hij het nu, van Robert?”. “Ja”, zei Frans,” hij weet het. Jullie kunnen er vrij over praten”. Vrij bizar allemaal. En verder hebben we het eigenlijk niet meer over hem gehad. De familie weet ook wel dat oompje zich de laatste tijd niet zo heel goed heeft gedragen en dat geven ze toe. Maar hij is de aardigste kerel ooit, zo zwoeren ze me. Zo lief voor de kinderen en kleinkinderen, en zo royaal tegen zijn naasten. Tsja, dat had ik ook niet anders verwacht natuurlijk. Het is en blijft hun familie natuurlijk. Heb het nog een keer met Frans over de blanke boeren gehad die van hun land waren gejaagd en in sommige gevallen vermoord, maar dat bleek een slechte zet. Werd direct met een miljoen zwarte doden om mijn oren geslagen uit de tijd van de koloniale machthebber. Tsja. Weet het allemaal ook verder niet. Ik blijf gewoon mijn biertjes met hem drinken en grappen maken over voor de krokodillen gegooid worden. Als we ooit nog naar Afrika komen dan zijn we uitgenodigd om op het landgoed te komen, maar daar moet ik nog eens over nadenken. Zoals mijn collegas al grapten: “Met jouw geluk sta je net daar de hand van die gast te schudden als er een staatsgreep wordt gepleegd. En dan zien we jouw op CNN door een woedende menigte worden afgedragen met als onderschrift “Evil Western mastermind behind Mugabe dictatorship revealed”.”.
Teveel eer jongens, teveel eer! Maar toch blijf ik maar thuis denk ik.

Ik zal het even verduidelijken

Wie mijn voorgaande post eerst heeft gelezen, zij het vergeven als hij of zij niet helemaal wijs werd uit het laatste deel van het relaas. Dit stuk beschreef de moeilijkheden die mijn taxi chauffeur en ik hadden mijn huis te bereiken. Zeg Hof, zo moeilijk kan het toch niet zijn om eventjes naar je huis te rijden? Nou ik dacht het dus wel! Ik zal dat eens even op ludieke wijze verduidelijken. Hier komen kaartjes, hoera!

Zie hier kaartje 1, welke de Palm Jumeirah toont. Geil eilandje, nietwaar? Aan de top zie je het befaamde Atlantis hotel op de Crescent (omgang), in het midden waaieren de Fronts uit (bladeren) en aan de onderkant bungelt de Trunk (stam), waar de paupers zoals ik wonen. Ik heb een soortement van vergrootglas rond mijn gebouw getekend. (Gaaf Hof! Ja, dank je).

De verkeerssituatie op de Palm is lichtelijk apart te noemen. We gaan naar kaartje 2, waar ik de Trunk heb uitvergroot. Aan de rechterkant van de Trunk zie je in het groen aangegeven de Shoreline Apartments, bestaande uit twee rijen van 10 gebouwen langs een verkeersader. De rijbanen van de verkeersader zijn gescheiden, dus je kan niet omkeren. Je kan ook niet stoppen of parkeren; om bij een gebouw te komen, moet je naar rechts de ventweg op die je dan vervolgens bij de voordeur van je keuze brengt.

Ik heb in het kaartje de normale route naar mijn huis getekend. Volg de rode lijn: onderin rij je via de brug het eiland op, dan hou je rechts aan en rijdt over de verkeersader langs gebouwen 1 tot 6 (Basri tot Palm Terrace), dan gaan we weer een brug over, rijden langs gebouwen 7 tot 10 (Haseer tot Das) en dan komt de truuk: er moet een U-turn worden gemaakt via de linker rijbaan. Als je die mist, rij je de Trunk uit en kom je bij de bladeren terecht. Enfin, na een geslaagde U-turn rij je weer terug, langs gebouwen 11 tot 14 (Habool tot Hallawi). Ergens moet je dan de ventweg op zodat je de ingang van gebouw 14 kan bereiken. Tot zover niks aan de hand.

Kijk nu eens wat er gebeurt als je van gebouw Das naar gebouw Hallawi moet. Zoals mijn maat Eirik laatst. Das is dus het laatste gebouw aan de rechterkant, rechts naast de U-turn. Ik heb het in het volgende kaartje met zwart omcirkeld. (Sjee je pakt wel uit Hof! Ik weet het, ik doe het allemaal voor jullie).

Tsja. Daar zit je dan in je bolide op de ventweg, terwijl je je eigenlijk op de linkerrijbaan van de hoofdweg moet bevinden teneinde die U-turn te kunnen maken. Je zou natuurlijk een spannende illegale maneouvre kunnen maken, maar zo zijn we niet getrouwd in Dubai. En dus rij je braaf de ventweg af, door de tunnel heen naar de bladeren toe. Gelukkig kom je binnen 5 minuten alweer een U-turn tegen, dus we gaan weer de goede richting op. Ware het niet dat de weg NIET terug uitkomt bij de Shoreline Apartments. Nee, dat zou veel te makkelijk zijn. De Shoreline kan je maar van 1 kant binnen, en dat is onderaan.
De enige mogelijkheid is, zoals ik met de rode lijn heb aangegeven, om helemaal terug naar de brug aan het begin van de stam te rijden, daar dan onderdoor te gaan, dan via de ventweg bij gebouw Basri weer terug op de hoofdweg te komen, door te rijden naar gebouw Das bovenaan (waar je inmiddels alweer 15 minuten geleden vertrok), de linkerrijbaan op, de U-turn maken en dan de laatste 500 meter naar mijn gebouw afleggen.

DAT IS TOCH ABSURD??? Zoals gezegd, die afstand is hemelsbreed iets van 500 m, je loopt het in een minuutje of 6, 7 als je pech hebt, maar per auto moet je maar liefst ZEVEN KILOMETER omrijden, wat je meer dan een kwartier kost. En voor je roept “Moet je maar gaan lopen!”, bedenk dat dat in de zomer met 50 graden volledig onmogelijk is. Zelfs 5oo m. Wat het helemaal raar maakt eigenlijk. In een land waar je het halve jaar lang geen andere mogelijkheid hebt dan je met de auto te verplaatsen, zou je toch verwachten dat ze het rondtuffen wat makkelijker zouden maken. Hee, en dat uit MIJN mond, he lezers! Zien we dat even? Dan MOET het natuurlijk wel waar zijn!

Nou ja boeien verder. Jullie hebben nu in elk geval de goede richtingsaanwijzingen gekregen naar mijn woning. Dus waar wachten jullie nog op? Hierheen komen met die luie donders! Ik wil geen smoezen meer horen, ik verwacht vanaf nu drommen bezoekers! Je rijdt er desnoods maar een stukje voor om!

Take the long way home

Ik ben me toch ook een wandelende wet van Murphy. Soms vrij letterlijk zelfs, zoals vandaag. Ik was door een collega van Abu Dhabi terug naar Dubai gebracht en afgezet in The Greens, een woonwijkje vrij dicht bij mijn geliefde Palm. Normaal neem ik dan een taxi voor de laatste 5 minuten, maar vandaag had ik een gekke bui. Het was nog vroeg, er was nog alle tijd om met Kesaya en Micah te gaan zwemmen, het was heerlijk weer en ik zat vol energie. Volgens mijn nimmer falende innerlijke kaartbeeld was het hemelsbreed nog geen 3 kilometer, dus hop: waarom ook niet? Vandaag loop ik naar huis.

Probleemje: een dikke grote vette drukke snelweg scheidde mij van mijn bestemming. Je ziet vaak Indiers en Pakistanen halsbrekende toeren uithalen om deze weg te voet over te steken, maar dat leek mij niet zo verstandig. Micah wordt vast een hele rare jongen als ie zonder papa opgroeit. Dus maar niet gedaan dan. Alternatief: naar het dichtsbijzijnde metrostation lopen, welke de snelweg aan beide zijden overspant. Weer een probleempje op mijn pad: een gated community (ommuurde woonwijk), waar ik met geen mogelijkheid naar binnen kon. Dan maar langs de dikke grote vette drukke snelweg lopen, het was maar een kilometertje of zo.
Al doende werd het metrostation bereikt. Was mijn eerste keer hier in zo’n station, ze zijn nog maar net geopend, en ik moet zeggen dat het er erg mooi en functioneel uit zag. Binnenkort maar eens gebruik van maken. Nu hoefde ik slechts het station door om de snelweg te passeren.

Intussen werd het toch al wat later, dus wilde ik alsnog een taxi pakken aan de andere kant. Tenminste, je zou toch taxis verwachten bij een metrostation. Nee dus. Nou ja, dan lopen we toch maar verder. Kilometertje terug in de richting waar ik vandaan kwam en dan verder richting de ingang van de Palm.
Ik had het vermoeden dat dat nog wel eens een volgend probleem kon gaan opleveren. De Palm is tenslotte een eiland en heeft maar 1 ingang. Deze wordt gevormd door een grote brug waar, hoe kan het ook anders, een grote dikke vette drukke snelweg overheen raast. Ik wilde uitvinden of er ook een voetpad naast liep, of misschien wel onder of waar dan ook, en zo niet dan alsnog een taxi nemen. Maar het plan veranderde toen ik bij het transferium kwam. Dat is een kolossaal, raar en donker gebouw aan de voet van die brug, van waaruit een monorail de Palm op gaat en dan verder naar Atlantis, het pronkerige hotel aan de top van de Palm. Wat een ideale gelegenheid om die monorail eens uit te proberen. Bovendien ligt de eerste halte, Trump Tower, direct achter mijn huis, dus mooi, komt alles toch nog goed.

Raar alleen dat er geen voetgangersingang was voor het gebouw. Sterker nog, je kon het gebouw niet eens bereiken te voet, want aan elke kant lag een, het wordt eentonig, dikke grote vette drukke snelweg. Nou ja, Micah is toch al raar dus heb ik maar een balustrade beklommen, sprintje ingezet en veilig dat gebouw bereikt. Maar zoals gezegd, geen ingang dus. Nou ja, zo dicht bij mijn doel laat ik me niet meer tegenhouden door zo’n futiel detail, en dus pakte ik de autoingang. Er was toch geen auto te bekennen. Er was overigens helemaal niemand te bekennen. In en rond dat hele kolossale monster was letterlijk niemand. Boeit ook verder niet. Ik liep over de auto-oprit twee verdiepingen omhoog, door een vrij dikke laag stof en wat afval, tot ik op een parkeerdek uitkwam. Volledig verlaten, en wederom onder een dikke laag stof. Toch wel een beetje raar. Verder gesjouwd, nog een parkeerdekje hoger opgezocht, alwaar ik toch nog de ingang naar de monorail vond. Ik voelde me alsof ik een science fiction film binnenstapte. Je weet wel, zo’n film waarin een groep ruimtereizigers een ruimteschip binnenkomt die helemaal verlaten is, maar waar de computers en machines nog steeds in dienst staan van de allang vertrokken of verdwenen oorspronkelijke bemanning. Wederom geen kip dus, maar wel glanzende marmeren hallen, licht zoemende roltrappen en automatische deuren. Kijk aan, ik was op het goede spoor. En toen uiteindelijk nog eens twee verdiepingen hoger de laatste deur voor me opengleed, stond ik oog in oog met vier verbaasde conducteurs.

Na een korte stilte riep een van hen: “A customer! There is a customer!” Ha, dacht ik, wat een majestueus onthaal. Klantgerichtheid, daar houd ik van. De baas van het stel kwam snel naar me toe gerend, verwelkomde me hartelijk en troonde me mee naar een eenzame kaartautomaat.
15 dirhammetjes (3 euro) voor de trip naar Atlantis. Maar ik hoef slechts 1 halte zei ik, maakt dat niet uit? Nee, zelfde prijs. Maar U gaat maar een halte? Ja, want daar woon ik. Oh, dat is ongebruikelijk, zei de man, we krijgen nooit klanten die ook daadwerkelijk op de Palm wonen. Oh, nou ja, de monorail is nou niet bepaald bereikbaar te noemen, dus dat verbaast me niets. Maar goed, ik kan die ene halte nemen dus? Ja hoor, hier is uw kaartje, daar is het perron en goede reis.

En zo kwam ik terecht op een wederom verlaten, ondergestoft perron. Volgens het electronische bord zou er spoedig een trein aankomen, met als eerste halte die Trump Tower. Oftewel, recht naast mijn huis. Ik vond de situatie allemaal wel komisch, dus ik mailde mijn relaas naar een spamgenoot. Ik had nog maar juist op verzenden gedrukt, toen opeens van de andere kant een hele groep lawaaierige mensen het perron op kwam? Huh? Waar kwamen die nou vandaan dan? Er was die hele tijd niemand te bekennen in dat hele gebouw en nu stond er ineens een hele groep idioten op de trein te wachten. Nou ja, het betekende in elk geval dat die trein wel zou rijden, want daar twijfelde ik stiekum toch nog een beetje aan.
Onterecht bleek, want een minuutje later gleed een glinsterend, superdeluxe treinstel het perron op. Ik en de horde idioten erin, deurtjes dicht en gaan.

De 3 minuutjes tussen het transferium en de eerste halte waren heel erg mooi. De monorail ligt op zo’n 20 m hoogte, wat een schitterend uitzicht biedt over de Palm en de stranden eromheen. Maar er was weinig tijd om van te genieten, want daar zoefden we het eerste station reeds binnen. Ik kon mijn huis al zien. Dus ik sta bij de deur, wachtend tot die openglijdt zoals alle eerdere deuren voor me waren opengegleden, en … en verder niets. De trein trok weer op en reed mijn stulpje voorbij. What the F%#K? Daar moet ik toch even de conducteur van deelgenoot maken:
“Waarom stopten we niet bij de Trump Tower?”
“Maar de trein stopte daar wel.”
“Ja stoppen wel, maar de deuren gingen niet open.”
“Nee dat klopt, de deuren moeten dicht blijven.”
“De deuren blijven dicht??? Waarom? Dat station is toch af?”
“Ja, maar er mogen geen passagiers uit.”
“WAAROM? Waarom stoppen we er dan? Waarom wordt mij een kaartje verkocht terwijl ik er niet eens uit kan???”
“Geen idee. De trein stopt maar de deuren mogen niet open. Dat is nu eenmaal zo. De deuren gaan alleen open bij de eindhalte, op Atlantis.”
“Nou lekker dan. Wanneer gaan die deuren wel open dan?”
“’s Nachts, om de hoofdconducteur eruit te laten. Die sluit het station dan af.”
“Ik bedoel: wanneer kan je op dit station uitstappen? Volgende maand of zo?”
“Oh bedoelt U dat? 2015.”
“Sorry dat heb ik niet goed begrepen denk ik.”
“In het jaar 2015 kunt U hier uitstappen.”
“OK dan. Nou mooi, dan probeer ik dan wel weer eens. En nu?”
“U kunt de trein weer terug nemen meneer.”
“En kan ik er dan wel uit?”
“Nee, U zal dan terug moeten naar het … wacht, ik zie wat U bedoelt. U zal een taxi moeten nemen.”
“Ja. Dat had ik een uur geleden al moeten doen.”

Op zichvond ik het tot op dat moment allemaal nog best komisch. Ik snapte ook wat die andere idioten kwamen doen: die waren met een georganiseerde groepsreis mee en met een bus naar die monorail gebracht. Eindbestemming Atlantis. Best wel even leuk om daar te zijn, het blijft een bizar gebeuren, maar ik moest wel naar huis. De trein uitgehold, paar trappetjes af, richting de taxihalte … FOOOOKKKKKKKKKKKKKKK! Een rij van 100 m! Ongeveer 200 mensen stonden daar met een enorme zuur gezicht te wachten. Is dit de taxi rij? JA DIT IS DE TAXIRIJ! Shit. Nou ja, zit niks anders op. Gelukkig schoot het relatief op, nog geen uur later stapte ik de taxi in, voor hopelijk de laatste etappe van mijn inmiddels wel erg lange omweg naar huis.

Ik vertelde de chauffeur van mijn omzwervingen en hij moest er hartelijk om lachen. Ja, het verkeer is niet echt logisch geregeld hier in Dubai. Dat gezegd hebbende, weet U soms welke weg we hier moeten nemen? Hij was inmiddels gestopt voor de ingang van een tunnel die twee bladeren van de Palm verbindt. Aan beide kanten liep een ventweg, maar verder geen bord te bekennen.
Nee, geen idee. Sorry. Ehrm, op de weg hierheen ga je ook door een tunnel, dus misschien is het logisch dat dat op de terugweg ook moet? Dus wij de tunnel in, die vervolgens prompt een U-turn maakte zodat we ons weer terug op de weg naar Atlantis bevonden.
Goed, nieuwe poging dan. 10 minuten later stonden we weer voor die tunnel. Dit keer maar de ventweg aan de rechterkant proberen. En hoera, die kwam achter mijn rij flats uit. En ik wist een sluiproute om recht voor mijn flat uit te komen. Alleen bleek die nu afgesloten. Geen nood, de chauffeur kende een andere sluiproute. Slechts 2 minuutjes verder. Ook afgesloten dus. Dan maar toegeven: we zijn verslagen. We reden terug naar het begin van de Palm, deden een zoveelste U-turn en reden zo dicht mogelijk naar mijn huis als mogelijk, waarna ik de laatse 5 minuten liep. Twee uur en 20 minuten later nadat ik drie kilometer verderop was afgezet, stapte ik de huiskamer binnen. Micah ging net zijn bedje in.

My descent into madness

Ik zou willen dat ik goed nieuws te melden heb, maar helaas: de narigheid draait op volle toeren door. Omdat Micah en ik intussen al een maand in Thailand zijn, moeten we onze Thaise visa laten verlengen. Plus boetes betalen voor elke dag dat we langer blijven. Erg vervelend, maar er valt niet onderuit te komen. Dus heb ik dat vandaag maar geregeld. Je bent op vakantie of niet tenslotte …

In de ochtend probeerde ik het nog, tegen beter weten in, door de desbetreffende instantie te bellen en naar de regels te vragen. Er werd niet opgenomen. Dan maar de taxi gepakt naar het bureau in Pattaya (we logeren daar bij vrienden) en persoonlijk om opheldering vragen.
Ik kwam terecht in een klein donker hol, waar ongeveer 100 oude, ingezakte en roodverbrande Duitsers, Denen en Fransen morrend aan het wachten waren op wat komen ging. Goed voorteken, daar hou ik van! Aan de receptie liet ik het woord baby vallen en dat hielp. Een Amerikaanse man in dienst van de immigratiedienst kon me wel even direct uitleggen hoe het zat. Wat blijkt? Een meevaller! Eindelijk! Micah kan blijven zolang ie wil want als baby is ie niet rechtsprakelijk. Dus geen zorgen daar.
Voor papa, daarentegen, lag de zaak anders. Ik moest 1900 baht betalen om een week langer te kunnen blijven, plus 500 baht boete voor elke dag die ik tot nu toe langer was gebleven. Dat waren er 4, volgens de Amerikaan. Het alternatief is de bus pakken naar Cambodja en dan het land weer opnieuw inkomen. Kost hetzelfde maar dan is het visa voor een maand geldig.

Ik koos voor de de verlenging van een week, die ter plekke kon worden geregeld. Slechts 3 uurtjes wachten scheidden mij van mijn stempel. Wat ben je op zo’n moment ontzettend blij met computerspelletjes op je telefoon! Eindelijk aan de beurt, en er werd me verteld dat ik voor 6 dagen moest betalen ipv 4. Dat klopt niet met wat me eerder is verteld, zei ik, dus vraag dat even na. Maar ja, in elk land gaan alleen de grootste zinloze gefrusteerde idioten bij een dergelijke instelling werken, en Thailand is daarop bepaald geen uitzondering. Het varkenshoofd zei dat ik moest betalen anders zocht ik het maar uit. Dat deed ik dan maar.
Mijn geld en paspoort werden daarop naar de volgende eencellige geschoven, die er nog eens naar keek. Vier dagen, zei die. Mooi, ga maar met je collega uitvechten! Dat deed ie vervolgens. Het zal een intellectueel gevecht op hoog niveau zijn geweest, maar uiteindelijk trok ik dan toch nog aan het kortste eind. Uiteraard. 1000 baht laten ze niet liggen. Nou goed, kom op met mijn paspoort en het visum. En die kreeg ik dus, en wat staat er op?

“For applicant Mr Echtgenoot Hofland”

Grrrrrr … overnieuw maar weer. Dat duurde gelukkig maar 10 minuten of zo, maar daarna moest het wisselgeld nog worden afgegeven door een derde ameube, weer een loketje verderop. En dat kostte vervolgens nog een uur. Toen vrijwel iedereen het pand al had verlaten kon ik ook naar huis. Maar wel tig zinloze stempels in mijn paspoort rijker.

(Achteraf denk ik dat de verwarring met die 4 en 6 dagen komt vanwege de maand Februarie. Een toeristenvisum is een maand +1 dag geldig, maar nergens staat de definitie van een maand beschreven. Blijkbaar is het een kalendermaand verder en dan wordt de cijfer van de datum met 1 verhoogd. En niet 30 dagen plus 1, zoals die anderen dachten. Komt nog bij dat de stempel van mijn visum precies over een ander heenvalt zodat de datum nauwelijks te lezen valt. Als je in Februarie een visum koopt, kan je dus 3 dagen korter blijven dan in December (jajaja schrikkeljaar). Als dan toch alles tegenzit, dan ook in de miniemste details natuurlijk).

Volgende keer een leuk, gezellig en positief verhaal over dingen die meezitten. Ik hoop dat dat voor het jaar 2014 zal zijn.

Hof meets Kafka

(For the English readers who want to know what is happening to the Hofs at the moment, scroll down to the letter at the bottom of this post. This is the letter that I sent to the British Embassy today and explains why we are still in Bangkok).

Het zit gewoon ook echt niet mee. En dat is dan nog heel, heel zwak uitgedrukt. Eigenlijk is het gewoon een behoorlijke nachtmerrie die zich aan het voltrekken is. Geen al te grote zorgen lezers: Micah ligt nog steeds lief lachend in zijn stoeltje te kwijlen. Het gaat om Kesaya. De Britse ambassade heeft ons gisteren geinformeerd dat er een fout is gemaakt met haar visum voor Engeland en dat die nu niet meer geldig is. Het gevolg: ze mag niet terug naar Londen reizen. Dat hadden we nu zo ongeveer moeten doen namelijk …

Hoe is dat in Godsnaam mogelijk? Het is een absurd verhaal. Ik heb geen zin om het weer helemaal te vertellen; dat heb ik de afgelopen dagen al tientallen keren moeten doen. Wie wil weten hoe het precies zit, kan de brief lezen die ik vandaag naar de Britse ambassade heb gestuurd in de hoop op wat medewerking. Voor  wie geen Engels kan lezen, hier een korte samenvatting.

Kesaya’s visum is vorig jaar afgegeven door de ambassade in Bangkok, met daarbij een brief waarin staat dat het 27 maanden geldig is. Nu zijn we dus hier in Thailand en hebben te horen gekregen dat die hele brief niet klopt. In het visum zelf, dat wil zeggen de sticker in haar paspoort, staat iets anders: 6 maanden geldig. De ambassade heeft nu uitgezocht hoe dit zit. Het blijkt dat ze de verkeerde brief en informatie aan Kesaya hebben gegeven: haar visum is afgelopen November verlopen.
Helaas willen ze er de verantwoordelijkheid niet voor nemen. In plaats daarvan zeggen ze dat Kesaya helemaal opnieuw een visum moet aanvragen en dan pas terug naar huis mag. Sterker nog: omdat ze in December en Januari feitelijk illegaal in Engeland was, zou haar de toegang voor 10 jaar ontzegd kunnen worden.

Er is weinig rede te vinden in de mensen die we aan de lijn krijgen. Het zijn Thaise ambtenaren die matig Engels spreken en niet buiten hun normale paadjes durven denken. Ze weigeren ook om me door te verbinden met een Britse officier of een manager, en beweren dat ik geen afspraak op de ambassade mag maken. Misschien doen ze dit omdat ze bang zijn op de kop te krijgen als uit komt dat ze die fout hebben gemaakt, ik weet het niet. Het kan ook dat ze de opdracht hebben gekregen vanuit Engeland om onredelijk star te zijn vanwege de huidige immigratie perikelen en terrorisme en dergelijke.
Mijn werk heeft intussen aangeboden mee te helpen om een oplossing te vinden. Ze hebben enkele instanties in Engeland gebeld, maar die zeggen dat ze niets kunnen doen omdat de fout in Bangkok is gemaakt en het hun verantwoordelijkheid is dit te herstellen. Ik heb nog wel een speciaal telefoonnummer gekregen via welk ik meer kans had om Britse officieren aan de lijn te krijgen. Dat is helaas niet gelukt maar ik heb wel een kleine doorbraak geboekt. Ik kreeg toestemming om een brief te sturen die dan zou worden doorgestuurd naar de manager van de visa afdeling. Die brief heb ik dus hieronder bijgeplakt. Onze hele hoop is daar nu op gevestigd. Als het niets uithaalt, zullen we voorlopig in Thailand moeten blijven en een nieuw visum moeten aanvragen. Klein probleem is dat Micah en ik overmorgen het land uit zullen moeten omdat dan onze visa zijn verlopen (je mag maar 1 maand in Thailand op vakantie als toerist). Maar dat valt op te lossen door even op en neer te gaan naar Cambodja met de bus. Is Micah daar ook nog eens geweest.

Het klinkt allemaal bizar, eng en onredelijk. En dat is het ook. We kunnen nauwelijks geloven dat dit met ons gebeurt. Het is typisch zo’n verhaal dat je in een tijdschrift of krant leest en denkt “Dat gebeurt alleen andere mensen”. Mijn vertrouwen in autoriteiten is ook niet helemaal wat het geweest is; dit is gewoon pure Kafka. Tuurlijk zal het allemaal wel op zijn pootjes terecht komen, maar voor nu is het uitermate stressvol. Om nog maar te zwijgen van het geld dat dit kost, het feit dat ik terug moet naar mijn werk, Micah zijn inentingen in Londen moet krijgen, en dat op dit moment de situatie in Bangkok niet erg stabiel is met de massaprotesten en de bomaanslagen.
Klein positief puntje is dat we onze “vakantie” met een paar weken kunnen verlengen. Kan alleen niet bepaald zeggen dat ik ervan geniet. Het is ook superironisch als je erover nadenkt. We kwamen hier met het doel om een lid aan ons gezinnetje toe te voegen. In plaat daarvan moet ik misschien terug met 1 lid minder …

In elk geval, hier is de brief. Hopelijk, hopelijk krijgen we morgen antwoord en ziet alles er al een stuk zonniger uit. Niet iedereen in dit soort instanties is gestoord toch? Toch? TOCH????

Dear Sir/Madam,

I am writing this letter on behalf of my wife, regarding an issue with her EU Spouse visa. She had applied for this visa last year through the UK Visa Application Centre in Bangkok. She was granted this visa in May 2009, after which she joined me to live in London. I am a Dutch national who has lived and worked in the UK for the past three years.

The visa was accompanied by a letter from the British Embassy Visa section. This letter states:

Information for the holder of Spouse Visa

You have been granted a visa given leave to enter the United Kingdom valid for 2 years 3 months (27 months) … The prescribed application forms for settlement state that applications should not be submitted more than 28 days for leave expires.

Upon receipt of the visa my wife phoned the Embassy since she did not understand the last line that I just quoted. She was then told that one month before the 27 months expire, she should extend the visa or apply for settlement.

In the past months, every time we flew in or out of the UK the visa raised confusion with the immigration officers. We found out that on the sticker in the passport an expiry date of November 2009 was printed. Invariably, the officer in question then read the letter, checked with his supervisor and then confirmed that the visa was valid. This has happened even after the expiry date in November 2009 passed. We always understood that the date on the sticker was a mistake and that the letter was attached to it to explain and state the actual validity of the visa.

We are currently in Bangkok for several private matters. We were supposed to fly back the evening of the 16th March (tonight). However, yesterday my wife contacted the Embassy to ask if she could get a clearer statement in her passport regarding the validity. It was then that we found out that the visa was actually valid for 6 months and that the letter had been attached by mistake. Apparently my wife should have extended her visa in the UK before November 2009, but nobody has ever told her that. We have no reference to it in any email or document that we received; the only document we could go by was that letter that indicates that she had to apply for settlement after 26 months.

The consequence is now that my wife has no valid visa for the UK, while we were convinced that she had. One of the people in the visa section of the Embassy has acknowledged that the letter was attached by mistake, but denied that my wife has checked it before she moved to the UK. Unfortunately, my wife has no reference to the phone call as it was not provided at the time. Also the officer stated that, although it was unfortunate that the wrong letter was provided, there was nothing the embassy could do for us since it was not an officially signed letter. The only solution for us now was to apply for a complete new visa through the Application Centre, inclusive all the supporting documentation, and wait until a new visa was approved.

In my opinion the viewpoint of the Visa Section is not entirely reasonable. We have travelled in good faith that my wife has a valid, long stay visa and that everything was in order. It was not one of us who has attached the wrong information to her visa, gave the wrong information on enquiry or omitted to tell her to extend her visa within 5 months. I appreciate that people make mistakes and that it was admitted to certain extent, but this has brought us in a rather stressful condition.

We cannot fly home at the moment and our situation is complicated by the fact that we are travelling with our 3 months old baby. We have to be back in the UK for his immunizations, medical checks (our son has the G6PD deficit), not to mention the fact that I have to resume my job as an oil and gas consultant. Also, myself and our baby are travelling on a Dutch passport, while our Thai visitor visa will expire in a few days. Flying back to the UK and leaving my wife behind is not exactly my preferred option as you will understand. Another complication is that some of the required documents for the visa are in our home in the UK.

After several phone calls with the embassy, the Home Office and the UK Immigration Agency, I understand that the only way to sort this out quickly is by writing this letter and apply for some sort of “preferential treatment”. I sincerely hope some solution in this case can be provided to us. Possibly some arrangement can be made in which my wife receives an entry permit to the UK as soon as possible so we can go home. In the UK we can then report to the Border and Immigration Office and sort out how to get the necessary paperwork done. Also we are prepared to come to the Embassy to talk to someone to explain the whole situation in more detail.

A swift response would be very much appreciated, as you will understand that this is a very stressful situation for our family.

Kind regards,

Leon Hofland