Ik zal het even verduidelijken

Wie mijn voorgaande post eerst heeft gelezen, zij het vergeven als hij of zij niet helemaal wijs werd uit het laatste deel van het relaas. Dit stuk beschreef de moeilijkheden die mijn taxi chauffeur en ik hadden mijn huis te bereiken. Zeg Hof, zo moeilijk kan het toch niet zijn om eventjes naar je huis te rijden? Nou ik dacht het dus wel! Ik zal dat eens even op ludieke wijze verduidelijken. Hier komen kaartjes, hoera!

Zie hier kaartje 1, welke de Palm Jumeirah toont. Geil eilandje, nietwaar? Aan de top zie je het befaamde Atlantis hotel op de Crescent (omgang), in het midden waaieren de Fronts uit (bladeren) en aan de onderkant bungelt de Trunk (stam), waar de paupers zoals ik wonen. Ik heb een soortement van vergrootglas rond mijn gebouw getekend. (Gaaf Hof! Ja, dank je).

De verkeerssituatie op de Palm is lichtelijk apart te noemen. We gaan naar kaartje 2, waar ik de Trunk heb uitvergroot. Aan de rechterkant van de Trunk zie je in het groen aangegeven de Shoreline Apartments, bestaande uit twee rijen van 10 gebouwen langs een verkeersader. De rijbanen van de verkeersader zijn gescheiden, dus je kan niet omkeren. Je kan ook niet stoppen of parkeren; om bij een gebouw te komen, moet je naar rechts de ventweg op die je dan vervolgens bij de voordeur van je keuze brengt.

Ik heb in het kaartje de normale route naar mijn huis getekend. Volg de rode lijn: onderin rij je via de brug het eiland op, dan hou je rechts aan en rijdt over de verkeersader langs gebouwen 1 tot 6 (Basri tot Palm Terrace), dan gaan we weer een brug over, rijden langs gebouwen 7 tot 10 (Haseer tot Das) en dan komt de truuk: er moet een U-turn worden gemaakt via de linker rijbaan. Als je die mist, rij je de Trunk uit en kom je bij de bladeren terecht. Enfin, na een geslaagde U-turn rij je weer terug, langs gebouwen 11 tot 14 (Habool tot Hallawi). Ergens moet je dan de ventweg op zodat je de ingang van gebouw 14 kan bereiken. Tot zover niks aan de hand.

Kijk nu eens wat er gebeurt als je van gebouw Das naar gebouw Hallawi moet. Zoals mijn maat Eirik laatst. Das is dus het laatste gebouw aan de rechterkant, rechts naast de U-turn. Ik heb het in het volgende kaartje met zwart omcirkeld. (Sjee je pakt wel uit Hof! Ik weet het, ik doe het allemaal voor jullie).

Tsja. Daar zit je dan in je bolide op de ventweg, terwijl je je eigenlijk op de linkerrijbaan van de hoofdweg moet bevinden teneinde die U-turn te kunnen maken. Je zou natuurlijk een spannende illegale maneouvre kunnen maken, maar zo zijn we niet getrouwd in Dubai. En dus rij je braaf de ventweg af, door de tunnel heen naar de bladeren toe. Gelukkig kom je binnen 5 minuten alweer een U-turn tegen, dus we gaan weer de goede richting op. Ware het niet dat de weg NIET terug uitkomt bij de Shoreline Apartments. Nee, dat zou veel te makkelijk zijn. De Shoreline kan je maar van 1 kant binnen, en dat is onderaan.
De enige mogelijkheid is, zoals ik met de rode lijn heb aangegeven, om helemaal terug naar de brug aan het begin van de stam te rijden, daar dan onderdoor te gaan, dan via de ventweg bij gebouw Basri weer terug op de hoofdweg te komen, door te rijden naar gebouw Das bovenaan (waar je inmiddels alweer 15 minuten geleden vertrok), de linkerrijbaan op, de U-turn maken en dan de laatste 500 meter naar mijn gebouw afleggen.

DAT IS TOCH ABSURD??? Zoals gezegd, die afstand is hemelsbreed iets van 500 m, je loopt het in een minuutje of 6, 7 als je pech hebt, maar per auto moet je maar liefst ZEVEN KILOMETER omrijden, wat je meer dan een kwartier kost. En voor je roept “Moet je maar gaan lopen!”, bedenk dat dat in de zomer met 50 graden volledig onmogelijk is. Zelfs 5oo m. Wat het helemaal raar maakt eigenlijk. In een land waar je het halve jaar lang geen andere mogelijkheid hebt dan je met de auto te verplaatsen, zou je toch verwachten dat ze het rondtuffen wat makkelijker zouden maken. Hee, en dat uit MIJN mond, he lezers! Zien we dat even? Dan MOET het natuurlijk wel waar zijn!

Nou ja boeien verder. Jullie hebben nu in elk geval de goede richtingsaanwijzingen gekregen naar mijn woning. Dus waar wachten jullie nog op? Hierheen komen met die luie donders! Ik wil geen smoezen meer horen, ik verwacht vanaf nu drommen bezoekers! Je rijdt er desnoods maar een stukje voor om!

Advertenties

Take the long way home

Ik ben me toch ook een wandelende wet van Murphy. Soms vrij letterlijk zelfs, zoals vandaag. Ik was door een collega van Abu Dhabi terug naar Dubai gebracht en afgezet in The Greens, een woonwijkje vrij dicht bij mijn geliefde Palm. Normaal neem ik dan een taxi voor de laatste 5 minuten, maar vandaag had ik een gekke bui. Het was nog vroeg, er was nog alle tijd om met Kesaya en Micah te gaan zwemmen, het was heerlijk weer en ik zat vol energie. Volgens mijn nimmer falende innerlijke kaartbeeld was het hemelsbreed nog geen 3 kilometer, dus hop: waarom ook niet? Vandaag loop ik naar huis.

Probleemje: een dikke grote vette drukke snelweg scheidde mij van mijn bestemming. Je ziet vaak Indiers en Pakistanen halsbrekende toeren uithalen om deze weg te voet over te steken, maar dat leek mij niet zo verstandig. Micah wordt vast een hele rare jongen als ie zonder papa opgroeit. Dus maar niet gedaan dan. Alternatief: naar het dichtsbijzijnde metrostation lopen, welke de snelweg aan beide zijden overspant. Weer een probleempje op mijn pad: een gated community (ommuurde woonwijk), waar ik met geen mogelijkheid naar binnen kon. Dan maar langs de dikke grote vette drukke snelweg lopen, het was maar een kilometertje of zo.
Al doende werd het metrostation bereikt. Was mijn eerste keer hier in zo’n station, ze zijn nog maar net geopend, en ik moet zeggen dat het er erg mooi en functioneel uit zag. Binnenkort maar eens gebruik van maken. Nu hoefde ik slechts het station door om de snelweg te passeren.

Intussen werd het toch al wat later, dus wilde ik alsnog een taxi pakken aan de andere kant. Tenminste, je zou toch taxis verwachten bij een metrostation. Nee dus. Nou ja, dan lopen we toch maar verder. Kilometertje terug in de richting waar ik vandaan kwam en dan verder richting de ingang van de Palm.
Ik had het vermoeden dat dat nog wel eens een volgend probleem kon gaan opleveren. De Palm is tenslotte een eiland en heeft maar 1 ingang. Deze wordt gevormd door een grote brug waar, hoe kan het ook anders, een grote dikke vette drukke snelweg overheen raast. Ik wilde uitvinden of er ook een voetpad naast liep, of misschien wel onder of waar dan ook, en zo niet dan alsnog een taxi nemen. Maar het plan veranderde toen ik bij het transferium kwam. Dat is een kolossaal, raar en donker gebouw aan de voet van die brug, van waaruit een monorail de Palm op gaat en dan verder naar Atlantis, het pronkerige hotel aan de top van de Palm. Wat een ideale gelegenheid om die monorail eens uit te proberen. Bovendien ligt de eerste halte, Trump Tower, direct achter mijn huis, dus mooi, komt alles toch nog goed.

Raar alleen dat er geen voetgangersingang was voor het gebouw. Sterker nog, je kon het gebouw niet eens bereiken te voet, want aan elke kant lag een, het wordt eentonig, dikke grote vette drukke snelweg. Nou ja, Micah is toch al raar dus heb ik maar een balustrade beklommen, sprintje ingezet en veilig dat gebouw bereikt. Maar zoals gezegd, geen ingang dus. Nou ja, zo dicht bij mijn doel laat ik me niet meer tegenhouden door zo’n futiel detail, en dus pakte ik de autoingang. Er was toch geen auto te bekennen. Er was overigens helemaal niemand te bekennen. In en rond dat hele kolossale monster was letterlijk niemand. Boeit ook verder niet. Ik liep over de auto-oprit twee verdiepingen omhoog, door een vrij dikke laag stof en wat afval, tot ik op een parkeerdek uitkwam. Volledig verlaten, en wederom onder een dikke laag stof. Toch wel een beetje raar. Verder gesjouwd, nog een parkeerdekje hoger opgezocht, alwaar ik toch nog de ingang naar de monorail vond. Ik voelde me alsof ik een science fiction film binnenstapte. Je weet wel, zo’n film waarin een groep ruimtereizigers een ruimteschip binnenkomt die helemaal verlaten is, maar waar de computers en machines nog steeds in dienst staan van de allang vertrokken of verdwenen oorspronkelijke bemanning. Wederom geen kip dus, maar wel glanzende marmeren hallen, licht zoemende roltrappen en automatische deuren. Kijk aan, ik was op het goede spoor. En toen uiteindelijk nog eens twee verdiepingen hoger de laatste deur voor me opengleed, stond ik oog in oog met vier verbaasde conducteurs.

Na een korte stilte riep een van hen: “A customer! There is a customer!” Ha, dacht ik, wat een majestueus onthaal. Klantgerichtheid, daar houd ik van. De baas van het stel kwam snel naar me toe gerend, verwelkomde me hartelijk en troonde me mee naar een eenzame kaartautomaat.
15 dirhammetjes (3 euro) voor de trip naar Atlantis. Maar ik hoef slechts 1 halte zei ik, maakt dat niet uit? Nee, zelfde prijs. Maar U gaat maar een halte? Ja, want daar woon ik. Oh, dat is ongebruikelijk, zei de man, we krijgen nooit klanten die ook daadwerkelijk op de Palm wonen. Oh, nou ja, de monorail is nou niet bepaald bereikbaar te noemen, dus dat verbaast me niets. Maar goed, ik kan die ene halte nemen dus? Ja hoor, hier is uw kaartje, daar is het perron en goede reis.

En zo kwam ik terecht op een wederom verlaten, ondergestoft perron. Volgens het electronische bord zou er spoedig een trein aankomen, met als eerste halte die Trump Tower. Oftewel, recht naast mijn huis. Ik vond de situatie allemaal wel komisch, dus ik mailde mijn relaas naar een spamgenoot. Ik had nog maar juist op verzenden gedrukt, toen opeens van de andere kant een hele groep lawaaierige mensen het perron op kwam? Huh? Waar kwamen die nou vandaan dan? Er was die hele tijd niemand te bekennen in dat hele gebouw en nu stond er ineens een hele groep idioten op de trein te wachten. Nou ja, het betekende in elk geval dat die trein wel zou rijden, want daar twijfelde ik stiekum toch nog een beetje aan.
Onterecht bleek, want een minuutje later gleed een glinsterend, superdeluxe treinstel het perron op. Ik en de horde idioten erin, deurtjes dicht en gaan.

De 3 minuutjes tussen het transferium en de eerste halte waren heel erg mooi. De monorail ligt op zo’n 20 m hoogte, wat een schitterend uitzicht biedt over de Palm en de stranden eromheen. Maar er was weinig tijd om van te genieten, want daar zoefden we het eerste station reeds binnen. Ik kon mijn huis al zien. Dus ik sta bij de deur, wachtend tot die openglijdt zoals alle eerdere deuren voor me waren opengegleden, en … en verder niets. De trein trok weer op en reed mijn stulpje voorbij. What the F%#K? Daar moet ik toch even de conducteur van deelgenoot maken:
“Waarom stopten we niet bij de Trump Tower?”
“Maar de trein stopte daar wel.”
“Ja stoppen wel, maar de deuren gingen niet open.”
“Nee dat klopt, de deuren moeten dicht blijven.”
“De deuren blijven dicht??? Waarom? Dat station is toch af?”
“Ja, maar er mogen geen passagiers uit.”
“WAAROM? Waarom stoppen we er dan? Waarom wordt mij een kaartje verkocht terwijl ik er niet eens uit kan???”
“Geen idee. De trein stopt maar de deuren mogen niet open. Dat is nu eenmaal zo. De deuren gaan alleen open bij de eindhalte, op Atlantis.”
“Nou lekker dan. Wanneer gaan die deuren wel open dan?”
“’s Nachts, om de hoofdconducteur eruit te laten. Die sluit het station dan af.”
“Ik bedoel: wanneer kan je op dit station uitstappen? Volgende maand of zo?”
“Oh bedoelt U dat? 2015.”
“Sorry dat heb ik niet goed begrepen denk ik.”
“In het jaar 2015 kunt U hier uitstappen.”
“OK dan. Nou mooi, dan probeer ik dan wel weer eens. En nu?”
“U kunt de trein weer terug nemen meneer.”
“En kan ik er dan wel uit?”
“Nee, U zal dan terug moeten naar het … wacht, ik zie wat U bedoelt. U zal een taxi moeten nemen.”
“Ja. Dat had ik een uur geleden al moeten doen.”

Op zichvond ik het tot op dat moment allemaal nog best komisch. Ik snapte ook wat die andere idioten kwamen doen: die waren met een georganiseerde groepsreis mee en met een bus naar die monorail gebracht. Eindbestemming Atlantis. Best wel even leuk om daar te zijn, het blijft een bizar gebeuren, maar ik moest wel naar huis. De trein uitgehold, paar trappetjes af, richting de taxihalte … FOOOOKKKKKKKKKKKKKKK! Een rij van 100 m! Ongeveer 200 mensen stonden daar met een enorme zuur gezicht te wachten. Is dit de taxi rij? JA DIT IS DE TAXIRIJ! Shit. Nou ja, zit niks anders op. Gelukkig schoot het relatief op, nog geen uur later stapte ik de taxi in, voor hopelijk de laatste etappe van mijn inmiddels wel erg lange omweg naar huis.

Ik vertelde de chauffeur van mijn omzwervingen en hij moest er hartelijk om lachen. Ja, het verkeer is niet echt logisch geregeld hier in Dubai. Dat gezegd hebbende, weet U soms welke weg we hier moeten nemen? Hij was inmiddels gestopt voor de ingang van een tunnel die twee bladeren van de Palm verbindt. Aan beide kanten liep een ventweg, maar verder geen bord te bekennen.
Nee, geen idee. Sorry. Ehrm, op de weg hierheen ga je ook door een tunnel, dus misschien is het logisch dat dat op de terugweg ook moet? Dus wij de tunnel in, die vervolgens prompt een U-turn maakte zodat we ons weer terug op de weg naar Atlantis bevonden.
Goed, nieuwe poging dan. 10 minuten later stonden we weer voor die tunnel. Dit keer maar de ventweg aan de rechterkant proberen. En hoera, die kwam achter mijn rij flats uit. En ik wist een sluiproute om recht voor mijn flat uit te komen. Alleen bleek die nu afgesloten. Geen nood, de chauffeur kende een andere sluiproute. Slechts 2 minuutjes verder. Ook afgesloten dus. Dan maar toegeven: we zijn verslagen. We reden terug naar het begin van de Palm, deden een zoveelste U-turn en reden zo dicht mogelijk naar mijn huis als mogelijk, waarna ik de laatse 5 minuten liep. Twee uur en 20 minuten later nadat ik drie kilometer verderop was afgezet, stapte ik de huiskamer binnen. Micah ging net zijn bedje in.

Hofs muziekhoekje

Eens, toen de Hof nog in groenere oorden verbleef, zat diezelfde Hof op de bank te buizen  toen mevrouw Hof op haar welbekende elegante wijze de kamer binnenkwam. Wat ze aantrof, beviel haar allerminst.
“Ben je nou naar The Pet Shop Boys aan het kijken?”
“Nou ja niet echt. Maar het Glastonbury Festival wordt uitgezonden en ik wacht tot er een betere artiest komt.”
“Dus ben je nu vrijwillig een half uur Pet Shop Boys aan het verduren?”
“Ja ach, hoe erg kan het zijn, dacht ik?”
“Wist je dat ze meerdere artiesten tegelijk uitzenden? Met het rode knopje op de afstandsbediening kan je kiezen welke je wilt zien. Wat ben je toch ook technisch, lieve schat!”
… “Ja, dat wist ik wel, van dat rode knopje!”
“Schat, OF je wist dat inderdaad van dat rode knopje en dan moet je toegeven dat je geheel vrijwillig naar The Pet Shop Boys aan het kijken was, OF je geeft toe dat je niet anders kon omdat dat hele rode knopje je onbekend was. Het is het een of het ander, dus wat is het nou?”
“Hmrpffff rode knopje Pet Shop …”
“DUS WAT IS HET NOU?”
“… Ik … ik wist dat niet van dat rode knopje …”
“WAT ZEI JE?”
“Ik wist dat niet van dat rode knopje.”
“IK WIST DAT NIET VAN DAT RODE KNOPJE, WAT?”
“Ik wist dat niet van dat rode knopje, mijn lieve schat.”
“OK dan. En dan ga je nu als de wiedeweerga dat rode knopje indrukken want ik kan dat gezever van die dierenwinkelidioten niet meer aanhoren!”
“Ja mijn licht in mijn ogen, beschouw het als al gebeurd.”
En zo werd die avond met de rode knop The National Hofs leven binnengedrukt.

We hadden allebei nog nooit van The National gehoord en waren niet direct onder de indruk, maar we bleven hangen omdat het anders was. Geen geeikte rock met een krijsende voorman ondersteund door een obligate ritmesessie en wat platgetreden gitaarbanen, maar een mysterieuze crooner die losjes zijn teksten de microfoon in zingzegde, terwijl de rest van de band schijnbaar zijn eigen ding deed door een breekbaar arrangement van piano, gitaar en strijkers ten gehore te brengen. Best mooi allemaal maar het pakte ons nog niet echt, vooral vanwege het op het eerste gehoor zo stoicijnse geluid van de band.  Tot het laatste nummer kwam, en toen gebeurde er dit:

Holy fuck! De volgende dag stond ik in de muziekwinkel en kocht de CD “Alligator” waar dit pareltje op staat. Bij de kassa aangekomen keek de verkoper me indringend aan en zei: “Dit gaat je ZO-VEEL plezier opleveren. Koop ook hun album Boxer, zo mogelijk nog beter.” En dat deed ik dus maar. Beide schijfjes zijn mijn CD speler nauwelijks meer uit gekomen. Wat een pracht, wat een vervoering! Een vergelijking met The Thindersticks en Pavement dringt zich op, maar The National is veelzijdiger. Elk nummer heeft zijn eigen charme. Soms betreft het een door de ziel snijdend pianoloopje, soms een hartverscheurende melodie, maar meestal is het het arrangement wat het hem doet. Er zijn veel noten te horen, maar geen een te veel. Bij veel nummers duurt het even voor de schoonheid zich volledig openbaart: op het eerste gehoor kabbelt The National een beetje voort. Een goede koptelefoon en een uurtje voor jezelf is het devies; je wordt er rijkelijk voor beloond.

De synergie tussen instrumentatie en tekst is subliem te noemen, zoals bij alle boven de standaard verheven muziek. De teksten zijn soms bijtend, soms romantisch, soms gevat maar altijd urgent. Het is geen hogere school poezie en dat is maar goed ook; de kracht zit hem in de simpelheid waarmee doeltreffend  een gevoel wordt geschetst. Zie bijvoorbeeld de openingsregels van “Baby we’ll be fine“, over de bij de strot grijpende gewaarwording bij een dertig-plusser dat de ambitieuze dromen van zijn studententijd langzaam zijn vervaagd:

All night I lay on my pillow and pray
For my boss to stop me in the hallway
Lay my head on his shoulder and say:
Son I’ve been hearing good things.

Zo simpel, zo raak.  Ook heel mooi, van het nummer “Green Gloves“, over verloren vrienden (ja voor vrolijkheid moet je bij andere bands zijn, maar verdorie wie boeit dat: klik op die link en laat je vervoeren).

Falling out of touch with all my
friends are somewhere getting wasted,
hope they’re staying glued together,
I have arms for them.

Now I hardly know them
but I’ll take my time
I’ll carry them over, and I’ll make them mine.

Maar zoals gezegd, de teksten komen het best tot hun recht in combinatie met de muziek. Wat dat betreft is het volgende een uitmuntend voorbeeld. “Slow Show” begint een beetje tam, maar luister wat er gebeurt op 2 minuten en 21 seconden. Die hele simpele tekst, zo mooi en gedragen gezongen op dat breekbare, gejaagde pianomelodietje. Ach man je kan me wegdragen, romantiek ten top:

The National is niet bepaald bekend bij het grote publiek, laat staan hier in de woestijn, dus ik had me er al bij neergelegd dat ik de andere drie albums later moest gaan aanschaffen. Maar kijk nou: plots blijkt de band een soort van doorbraakje te maken en ligt hun laatste album “High Violet” zelfs hier in de schappen! Nou mooi, weer een meesterwerkje erbij. Voor Kesaya en mij is het nummer “England” om begrijpelijke redenen dierbaar:

You must be somewhere in London
You must be loving your life in the rain

En zo is het maar net. De live uitvoering van dat nummer, tenslotte, laat zien hoe uitgebalanceerd die arrangementen precies kunnen zijn. Zeg nou zelf, dit zie je toch heel weinig bands doen tegenwoordig? (Laat iemand me alsjeblieft tegenspreken: ik wil meer van dit!)

Kruipen is voor watjes!

Kruipen is zooooooo 2009. Geen bezigheid voor een gezonde Hollandsche/Thaische/Engelsche knul als ik. Vroeger ja, toen ik nog een baby was, toen mocht ik nog graag een potje rondkruipen. En ik geef toe, ik vermaakte me er prima mee, (geluid aan!):

Maar zeg nou zelf, in deze moderne tijden kan je toch niet meer aankomen met dat doelloze geploeter op de vloer. Een Heer van Stand past een meer elegante wijze van voortbeweging:

Mooi, en dan ga ik nu die plantenbak daar omduwen.

Mooie dingen zijn dat

Het is tijd dat er weer eens een positief geluid op dit blog te horen is, en wat voor een mogelijkheid heeft zich aangediend: de geboorte van een nieuwe Hof(/Reeser)! Nou heeft de Hof niet bepaald te klagen over de aanwas van nieuwe neven/nichten, de teller staat inmiddels alweer op 6, maar dit keer is het toch wel een extra bijzondere aangelegenheid. Natuurlijk, als rechtschapen atheist/boeddhist is elk leven me even dierbaar, maar deze nieuwe telg geeft reden tot een diepere beschouwing: Anne is namelijk een symbool voor de geweldige tijden waarin we nu leven!

Ik zal ter zake komen. Anne, het kind van mijn zusje Marleen en haar vriend Martijn, is geboren via de IVF methode. Tegenwoordig is dat allemaal niet zo heel opzienbarend meer, maar de oudere lezers zullen zich met mij kunnen herinneren dat het tijdens de introductie van IVF bepaald anders was. Als klein kind zag ik op TV de aankondiging van de eerste reageerbuisbaby, zoals ze toen nog genoemd werden. Ik snapte toen natuurlijk niet de consequenties en morele tegenwerpingen, voor mij was het slechts indrukwekkend nieuws. We zijn er nu aan gewend geraakt, maar laten we ons even indenken wat voor een enorme revolutie dit teweeg heeft gebracht. Waar echtparen voorheen slechts konden accepteren dat ze kinderloos zouden blijven, met alle geestelijke consequenties vandien, werd er nu opeens hoop geboden! Voor wie wil weten wat voor impact kinderloosheid vroeger had, lees de boeken van Thomas Roozenboom, waar een terugkerend thema is dat wegkwijnende echtparen nooit het genoegen van nageslacht hebben kunnen ervaren.
En nu, nu hebben al 4 miljoen blije, gezonde, levenslustige kinderen het licht gezien door deze wonderlijke ingreep. Niet voor niets heeft afgelopen week, welk een wonderlijk toeval, de ontdekker van de IVF methode een Nobelprijs gekregen. De katholieken en moslims moesten zonodig weer eens tegen zijn: er zouden embryos verloren gaan. Tsja, misschien moeten ze eens gaan praten met de 4 miljoen en 1 mensen die anders nooit hadden bestaan. Als je enkele klompen cellen die anders toch via de natuurlijk weg waren afgestoten prefereert boven volwaardige mensen met bewustzijn van geest en handelen, dan moet je je toch echt gaan afvragen of je die claims van zogenaamde morele superieuriteit nog wel met goed geweten kan handhaven.

En dus gefeliciteerd Hofzus en Hofzwager, met de mooie kleine Anne! Maar de allergaafste baby blijft natuurlijk Micah, laat daar geen twijfel over bestaan. Ik mag graag schertsen over mijn kleine knul, maar stiekum ben ik natuurlijk apretrots. Deze week zijn eerste halve metertje gelopen en ook nog eens zijn eerste woordje gezegd. En wat was dat woordje? Geen mama, en ook geen papa. Nee, die zijn niet goed genoeg voor onze Micah. Het eerste woord, dat hem nog zijn leven lang zal worden nagedragen, was …

Bird.

Niet eens vogel of nok (in het Thais), maar platweg: Bird. Ik was er zelf niet bij dus ik ben een beetje skeptisch over het verhaal, maar Kesaya zweert dat het klopt. Ze zaten op het balkon toen er daadwerkelijk een vogel voor hun snufferds landde, waarop Micah naar de gevederde vriend wees en Bird zei. Ik geloof het graag natuurlijk. Vandaag zat er trouwens een baby-havik op datzelfde balkon. Maar ik dwaal af. Of eigenlijk ook niet, ik ben gewoon klaar met deze post.

Als ze maar gezond zijn

Micah is gisteren 10 maanden geworden. Sjeetje. Tien maanden alweer. En hij kan nog steeds geen zak! Beetje kruipen en brabbelen, dat is het. Niet dat ik nou verwacht had dat ie al een Nobelprijs zou winnen voor de Vrede of Natuurkunde, maar een nominatietje had er toch wel vanaf gekund?
Nou ja, als ze maar lief zijn, zeggen ze dan. Dat is ie ook al niet. Het enige waar hij eigenlijk goed voor is, is poseren. Dat dan weer wel. Hebben wij weer. Zal je zien dat ie ook nog homo wordt later.
(Micah, mocht je dit ooit lezen, over een paar jaar of zo: GRAPJE! Papa meent dat natuurlijk niet he. Papa heeft helemaal niets tegen homos. En nu als de sodemieter van het internet af en werken aan die Nobelprijs, luie flikker!)

Toegegeven, veel concurrentie heb ik dan ook niet ...

Zeg pap, moeten we niet weer eens gaan verhuizen?

Micah in Oranje!

Wat, weer je rijbewijs niet gehaald? Pffffwoehaaaa!!!

Mama koopt altijd van die taaie snoepjes voor me

Met wat voor een leip hebben ze me nou weer opgescheept?

Als ik zo lief blijf kijken, worden ze straks vast niet boos als ze zien dat ik de boekenkast heb omgegooid ...

LALALALALA

Na al dat gezeik en gezeur van de afgelopen maanden, vragen jullie je nu misschien af of ik alles nog wel in het juiste perspectief zie. Tenslotte heeft iemand met mijn levensstijl in principe meer reden tot dankbaar zijn dan tot klagen. Nou, geen zorgen hoor, ik ben me bewust van mijn bevoorrechte positie. Een mooie, lieve, wulpse vrouw, briljant nageschlacht, een avontuurlijke baan met een aangenaam inkomen, noem het maar op. En Samui als toevluchtsoord heeft natuurlijk ook zijn charmes.

Maar hallo! Daar heb ik allemaal wel heel hard voor moeten werken he! Vergeten we dat even niet? Al die energie die ik erin gestoken heb. Zo was de verovering van bovengenoemde trofee-vrouw bepaald geen sinecure. Om over de verwekking van dat nageslacht nog maar te zwijgen! Man, slapeloze nachten heb ik daarvoro moeten doorstaan. En dan nog die vrouw en zuigeling de hele wereld over slepen, hopend op een warm plekje onder de zon waar ze voor de verandering wel eens een keer legaal kunnen verblijven … ik geef het het je te doen! Eigenlijk doe ik het helemaal zo slecht nog niet. Ik heb alleen maar heel veel pech. Zo, ik heb gezegd!

But all craziness on a little stick: natuurlijk heb ik mijn situatie er bepaald niet makkelijker op gemaakt de laatste jaren. Een gezin bijeengesprokkeld van 4 personen met 4 verschillende nationaliteiten en paspoorten, en daar bovenop een functie waarvoor ik elk jaar moet verkassen: het hoeft geen verbazing te wekken dat de gemiddelde immigratieambtenaar die mijn verhaal aanhoort in eerste instantie reageert door direct de hoorn erop te gooien. Te veel moeite allemaal voor die beperkte hersentjes.

Dus ja, ik kan het me voorstellen dat er dingen mis gaan. Vooruit, ik geef ruiterlijk toe, dat ligt ook een beetje aan mij. Ik had mijn baantje in Nederland kunnen aanhouden, een struise Friese meid kunnen trouwen en dan tot mijn pensioen met 1 zoontje en 1 dochtertje in een doorzonwoning in het Wateringse Veld gaan wonen. Alemaal heel makkelijk geweest, en misschien wel net zo leuk. Maar zo is het dus niet gegaan. Dus ja. Echter, is het teveel gevraagd dat ik verlang dat dan in elk  geval de simpele, normale dingen WEL goed worden afgehandeld? Vooral die dingen waar je als eenvoudig burger geen invloed op kan uitoefenen? Jullie raden het al: er zit weer een klassiek Hoffiaans klaagverhaal aan te komen. Dit keer gaat het over Hofs Huisraad, en het gebrek daaraan.

Toen we uit London vertrokken, moest onze huisraad worden verscheept naar Dubai. Mijn werkgever had een verhuisbedrijf geselecteerd op basis van de prijs, mijn collega Jon en ik moesten verder zelf met dit bedrijf de verscheping regelen. En aldus geschiedde.
Op de 12e Juli kwamen de verhuizers onze spulletjes inpakken. Een grappige anecdote: er was gevraagd of we de spullen die mee moesten konden markeren, zodat er geen meubels zouden worden meegenomen die moesten blijven. Ik had een mooi systeem bedacht: rode stickers op de dingen die blijven, groene op de dingen die moeten worden ingepakt. Leek me een redelijk feilloos systeem, en in mijn ongekende hang naar perfectie heb ik zelfs elk bord, glas en rondkruipende baby nog van een sticker voorzien. De verhuizers kwamen, vroegen wat er mee moest, ik legde het systeem uit … ze snapten het niet. Bij vrijwel elk voorwerp dat ze tegenkwamen:
-“Sir, does this go or stay?”
-“Does it have a sticker?”
-“Yes.”
-“What is the colour?”
-“Red.”
-“So does it stay or go?”
-“I dont know. You tell me.”
En dan 1 minuut later bij het volgende voorwerp weer. Onbegonnen werk verder, maar goed, ik had toch niks te doen dus dan maar erbij blijven, het waren verder aardige gasten en uiteindelijk is alles zonder problemen of vertraging ingepakt. Dus daar zat de ellende uiteindelijk niet in. Zoals ik al zei, dit was slechts een anecdote.

Afijn, wij naar Dubai toe, alwaar we verbleven in wat tijdelijke gemeubilleerde apartementen totdat we ons fijne onderkomen op de Palm betrokken. Dat was ongeveer een weekje voor de geplande aankomst van onze spullen, dus mooi geregeld allemaal. Zo vond ik zelf althans. Mijn collega Jon had beduidend meer problemen: zijn spullen waren veel te vroeg waren aangekomen, terwijl hij nog geen huis had en ze niet in ontvangst kon nemen omdat ie op zakenreis was. Dat werd allemaal nog wel opgelost uiteindelijk; op het laatste moment huurde hij een veel te duur en groot huis en regelde dat iemand voor hem de spullen kon aannemen. Maar ik dwaal af, wij zaten daar dus in ons lege huisje en wachtten vol verlangen op onze teerbeminde spulletjes.

Die dus niet kwamen. Ik belde het verhuisbedrijf, waar bleef het nou? Het stat nog op de kade in Engeland. Wat? Het is nog niet eens vertrokken? Nee. Ze hadden geen schip kunnen vinden naar Dubai met voledoende plaats, en het zat er voorlopig ook niet in. Oh, was dat een probleem? Oh, babyspullen en dat soort dingen? Tsja. Nou ja, we doen ons best, maar als er geen schepen gaan dan doe je weinig. En als er al een gaat, dan duurt het nog een maand voor alles in Dubai is. Dus dat wordt nieuwe meubels kopen.
Dat hebben we toen maar gedaan dus. Je kan een baby moeilijk in een aanrecht laten slapen tenslotte. Zeker niet zo’n betoverende als de onze.

Dus wij wachten verder, na enkele weken had ik een gekke bui dus ik dacht kom, ik bel ze weer eens op. Nee helaas, ze snapten ook niet wat er mis was, maar om de een of andere rare toevalligheid was er nog steeds geen geschikt schip onze kant op gegaan. Wilde ik het soms per vliegtuig doen? Slechts 3000 pond. Nee, dat wilde ik dus niet. Ik wilde wel weten, waarom de spullen van mijn collega nog dezelfde dag zijn verscheept en de mijne nu al 6 weken op een kade staan weg te rotten. De reden: ik had veel minder spullen, en daarom was het lastiger om een plekje te vinden. MAAR NATUUUUUUUURLIJK! Als ik een hele container had genomen en die halfvol had laten verschepen, dan was het makkelijker geweest. Nou mooi allemaal, hadden jullie ook eerder kunnen zeggen. Ja, maar dat zagen we ook niet aankomen. Je hebt gewoon pech gehad, een dag voor jouw spullen werden opgehaald, was er nog een geschikt schip richting Dubai gegaan. En nog eentje een paar dagen daarvoor. En nog eentje een week eerder. En nu toevallig twee maanden niet. Dat kan gebeuren.

Zucht. Dus nog meer gewacht, nog meer spullen gekocht. Nieuwe TV, nieuwe keukenspullen, intussen werd het allemaal al wat minder kritisch, we hadden nu alle noodzakelijke dingen toch al dubbel. Ik begon echter wel heel erg mijn CDs en DVDs te missen. Die hadden me heel veel troost kunnen bieden de afgelopen maanden. Om nog maar te zwijgen over mijn computerspelletjes. Maar helaas, het was niet anders en het begon zelfs te wennen.

En toen kwam die vervloekte dag dat Fransje’s visum werd geweigerd. Na enkele dagen chaos en nog veel meer slecht nieuws, zat ik bij ons zwembad te mokken en nam een impulsieve beslissing: we gaan NU terug naar Engeland. Onze spullen staan daar toch nog, ik heb het helemaal gehad, het werk is toch klote en dat grote huis met alles erop en eraan kan me gestolen worden.
Dus ik bel het verhuisbedrijf om ze te bevelen de huisraad in opslag te houden. Oh hallo meneer Hofland, goed dat U belt we hebben juist goed nieuws: het schip met Uw spullen is zojuist vertrokken. Wat, bent U niet blij? Na twee maanden wachten is dat toch zeker prettig om te horen? Sorry, maar wat betekenen die rare Nederlandse gorgelende woorden die U nu opeens uit? Mhhh, zullen we misschien later nog een terugbellen als U wat beter aanspreekbaar bent? Dag meneer Hofland!
De ongelovelijk ironie. Maar goed, we bleken toch niet terug te kunnen, want Kesayas UK visum moest opnieuw worden aangevraagd en dat duurt ook nog een tijdje. Dus modderden we weer verder. In elk geval zouden we 24 September onze spulletjes tegemoet kunnen zien, zo was ons beloofd.

Nou ja, ik hoef het nauwelijks te verklappen he? Die zagen we dus niet. Het zou een weekje later worden. Het schip was er bijna maar nog niet helemaal. Dat werd dus een probleem, want intussen moesten we het land uit. Oh wacht even, ik kan hetzelfde doen als mijn collega Jon: ik laat iemand anders die spullen voor me aannemen in mijn afwezigheid. Ja, maar dat gaat zo maar niet meneer Hofland! Hoezo? Zelfde bedrijf, zelfde land, zelfde contract? Waarom hullie wel en ons niet? Omdat we bij U toevallig een andere immigratieagent hebben genomen, een Arabische ipv een Westerse zoals bij Uw collega Jon, zomaar voor de lol, gewoon om eens te kijken hoe dat uitpakt, verandering van agent doet verschepen blijkbaar,en laat deze agent nou juist uitgerekend eisen dat U alles persoonlijk in ontvangst neemt. Tsja, gewoon pech gehad meneer Hofland, zo kunnen die dingen gaan.

Nou ja, dan weet ik het ook niet meer. Maar we moesten weg, dus had ik gevraagd of ze tenminste nog konden proberen het proces te vertragen, zodat ik op tijd terug kon vliegen. Dat konden ze wel doen. Humor hebben ze gelukig wel: “Yes, in delaying stuff we are good, as you have probably noticed.”
Dus wij naar Thailand yadda yadda yadda, wachtend op de dingen die komen gaan, en niet kwamen, en nu zitten we dus hier, en er moet een beslissing komen. We moeten eigenlijk nog langer blijven vanwege de visa perikelen, maar ik moet terug voor die spullen. Nou, dan nog maar eens het verhuisbedrijf bellen. Kunnen jullie al een precieze datum prikken? Ik moet het nu weten. Dat zouden ze even na zoeken, 5 minuutjes geduld nog meneer Hofland.

Vannacht kreeg ik bericht. Ik hoefde me geen zorgen te maken, want de spullen waren er nog niet. Sterker nog, ze zouden niet aankomen ook. Het schip had een “probleem” opgedaan en was nog steeds, of weer terug, dat wisten ze zelf ook niet helemaal precies, in Engeland. Onze spulletjes? Die staan weer op hun vertrouwde plekje op die godvergeten kade in het perfide Albion. Komt U dat uit, meneer Hofland? Meneer Hofland? MENEER HOFLAND?